De wilde stad

Als we aan de stad denken, denken we meestal niet direct aan natuur. Toch maakt de ‘groene’ natuur wel degelijk deel uit van het stadse ecosysteem. Tienduizend van de 40.000 soorten (planten en dieren) die in Nederland voorkomen, leven ook in de stad. Met de wilde bijen gaat het in de stad zelfs beter dan in de landbouwgebieden. Lang leve dus de stadstuintjes, balkonnetjes met bloeiende planten, de bloeiende bomen en het groenbeheer waarbij geen gif meer wordt gebruikt. De film ‘De wilde stad’ toont de verwevenheid van de menselijke en de niet menselijke natuur in Amsterdam. Als je het wilt zien gaat er een wereld voor je open. Lees verder

Advertenties

Laat je verwonderen

Met de kerstdagen waren we bij mijn broer in Boerakker. Gewoon gezellig met de familie; samen muziek maken en zingen (4 stemmig, niet altijd even zuiver maar wel leuk), spelletjes doen en natuurlijk lekker eten. Ondanks het natte en winderige weer hebben we nog een mooie wandeling door de modder gemaakt in de onlanden van het Westerkwartier. Maar de grootste verassing was toch wat ik tegenkwam op weg naar de bushalte om weer naar huis te gaan. Lees verder

Wij hebben een huisspin

“Hebben jullie een huisdier”, word je soms gevraagd. “Ja,” zeg ik dan, “wij hebben een poes.” Dat past in het beeld van wat men verwacht, een poes, hond, konijn, cavia, hamster, muizen, goudvis, (water)schildpad, kanarie of kippen. Er zijn ook mensen die antwoorden dat ze geen huisdier hebben. Dat denken ze tenminste. In een gemiddelde woning huizen meer dan honderd soorten spinnen, luizen, muggen en kevers. We leven in een natuurlijke rijkdom zonder naar buiten te hoeven, stond deze week in de krant. Lees verder

Help, de insecten

Help, de insecten verdwijnen. In 30 jaar zijn hun aantallen met 75% afgenomen. De insecten worden als de hoeksteen van ecosystemen beschouwd. De achteruitgang van weide- en zangvogels kan niet los gezien worden van het teruglopend aantal insecten. Alles hangt met alles samen. Als het slecht gaat met één soort, zal dit een effect op andere soorten hebben. Lees verder

Natuur voor ons welzijn

De vorige keer schreef ik over magic moments. Momenten waarop je je ineens één weet met al het leven om je heen. Ik noemde het verbonden zijn met de Aarde, met de natuur. Hierop kwam een mooie reactie: “Natuur is mooi. Ik zou eerder zeggen dat wij daar letterlijk deel van uitmaken. ‘Verbonden zijn’ impliceert dat we ‘anders’ zijn, er ‘buiten’ staan.” Zo zie je maar weer hoe moeilijk het is om de goede woorden te vinden. Want ik bedoelde wel degelijk te schrijven dat we natuur zijn. We zijn natuur. Lees verder

Korstmos

Op de ochtend van Hemelvaart gingen we, vanuit alle locaties van de parochie, op weg naar Doorn. We begonnen met een kort moment van inkeer om stil te staan bij het hoogfeest van Hemelvaart. Het mooie hiervan was dat het fietstochtje meer werd, dan gezellig samen fietsen. Het werd een symbool voor de weg die wij elke dag gaan, heel ons leven. We werden erop uitgestuurd met de volgende woorden. Lees verder

Een beetje afzien maar toch genieten

Het was wel een beetje afzien (koud), maar toch hebben we genoten van onze fietskampeervakantie in de laatste week van april.  Het was een koude week met wisselvallig weer. Zon, wolken en buien, sommigen met hagel, wisselden elkaar in snel tempo af. Dan is het steeds jas aan, jas uit, regenbroek aan, regenbroek uit. ’s Nachts koelde het af tot vlak boven het vriespunt. We lagen dan ook tot en met onze kruin in de slaapzakken. De extra dekentjes, sjaals, mutsen en handschoenen waren deze keer geen overbodige luxe.

Het echte kamperen

De route ging dit keer oostwaarts, om met een paar voor ons nieuwe terreinen van de NTKC kennis te maken. De terreinen van deze kampeerclub liggen in prachtige stukjes natuur. Ze zijn soms nauwelijks als camping te herkennen. Wat extra paadjes en kale plekjes voor je tent is soms alles. Afgezien van een vaak bescheiden toiletgebouw, met altijd een wc, meestal een wasgelegenheid en soms een warme douche. De terreinen bieden zo het ouderwetse echte kampeergevoel: weg van de drukte, back to basic in je eigen tent en omgeven door stilte. Nou ja, we werden wel gewekt door de zingende vogels. Maar het was wel door de stilte dat je die zo goed kon horen.

kamperen in bos

Den Treek

Het eerste terrein waar we naar toegingen ligt op het landgoed Den Treek-Henschoten. Het was maar een klein uurtje fietsen er naar toe, maar dan ben je toch al op weg en aan het kamperen (we konden die dag pas in de middag vertrekken). Het is een schitterend terrein met een centraal heideveld met kampeerplaatsen er omheen en ook nog tentplekken in het omringende bos. Zo dicht bij huis ontdek je dan weer nieuwe mooi plekken. Eigenlijk zouden we daar best een keer een paar dagen kunnen blijven staan, om hele nieuwe wandelingen te maken. Wie weet komt dat er ooit nog eens van…..

landschap met stoomtrein

Radio Kootwijk

Wij zijn de volgende dag meteen verder gefietst, richting Kootwijk. ’s Morgens fiets je dan nog in het groen van de Gelderse Vallei met veel grazige weiden en houtwallen. En als je dan in de buurt van de Harskamp de provinciale weg oversteekt fiets je opeens op de Veluwe. Zo’n verschil in landschap in zo’n korte tijd. Dat is het leuke van in Nederland fietsen. Even verderop hield het bos plotseling op en kwamen we op de vlakte van het Kootwijkerzand, waaruit als een imposante kathedraal het monumentale zendstation van Radio Kootwijk oprijst. Wat een gebouw en dat op die open vlakte. Ik voelde me echt maar een heel klein mensje. Maar niet alleen het gebouw riep ontzag bij mij op, ook de techniek van 100 jaar geleden die erachter zat. Dat ze contact konden maken met een zend- en ontvangststation op de hoogtevlakte Malabar nabij Bandoeng in Nederlands-Indië.

radio Kootwijk

De Kooiberg

De fietsdag eindigde bij de Kooiberg bij Ugchelen (we hebben Ugchelen trouwens nooit gezien). Hier kampeerden we echt in het bos. We hebben dan ook heel veel moeite gehad om het terrein te vinden. Met wat vragen en door het mulle zand ploegen, met vol bepakte fietsen is dat geen lolletje en voor de ketting is het ook niet zo best, hebben we het toch gevonden. Toen we de tent hadden opgezet en we het terrein wat meer gingen verkennen bleken we vlak naast het fietspad te staan waar we eerder overheen gekomen waren. Toen hadden we het terrein helemaal niet als een camping herkend. Aan de wroetsporen van de wilde zwijnen konden we zien dat we het terrein deelden met andere dieren. ’s Avonds lieten de zwijnen even luid en duidelijk van zich horen door te krijsen. Maar wij hebben ze niet om de tent horen scharrelen. Onze ‘buren’ vertelden dat ze in de nacht daarvoor de wilde zwijnen konden horen knorren, zo dichtbij waren ze.

 

landschap met watermolen

Ondanks de kou, waar we ons goed tegen gewapend hadden, hebben we weer genoten. Nederland is in het voorjaar met het lichte groen en het bloeiende fluitenkruid, de zingende vogels en met zijn afwisselende landschappen toch wel erg mooi.