Binnen- en buitenkant van duurzaamheid

Afgelopen dinsdag was het de dag van de duurzaamheid (10-10). ’s Avonds werd in pakhuis de Zwijger in Amsterdam de winnaar van de Trouw Duurzame 100 bekendgemaakt. Prinses Irene was uitgenodigd om de aftrap te geven. In het gesprek vertelde ze over haar visie dat we deel zijn van de natuur, maar dat we die vanzelfsprekende verbondenheid in de loop van de tijd zijn kwijtgeraakt. Dat zie je in de manier waarop we met de natuur omgaan. Lees verder

Advertenties

Verbinding

paus congres amerika foto nrc

Paus Franciscus spreekt het Amerikaans Congres toe. Foto nrc

Hij is al lang weer terug in Rome, maar toch wilde ik nog even terugblikken naar het bezoek van paus Franciscus in Amerika. Hij sprak niet alleen in een bijeenkomst van de VN (wat vorige pausen ook deden), maar ook bij het Congres. Nog nooit sprak een religieus leider het Congres toe. Hier werd dus geschiedenis geschreven. Natuurlijk was niet iedereen gecharmeerd van het feit dat de paus zich op het politieke en economische speelveld laat gelden. Maar de kracht van deze paus is nu net dat hij economie en ecologie met elkaar in verband brengt. De aftakeling van het milieu, de economische ongelijkheid en het menselijk en maatschappelijke verval kunnen niet los van elkaar worden gezien.

De paus gebruikt de katholieke sociale leer van de kerk om die verbinding duidelijk te maken. Wat de paus doet is dat hij de katholieke leer over armoede, mededogen en barmhartigheid rechtstreeks toepast op het economisch beleid dat armoede veroorzaakt. Directe armoede door uitbuiting en misbruik van mensen. Maar ook indirecte armoede door de gevolgen van het overmatig gebruik van fossiele brandstoffen, uitputting van levensbronnen, het verlies van biodiversiteit en vervuiling van de leefomgeving. De paus schroomt niet om ons er telkens weer op te wijzen dat het de meest kwetsbaren zijn die het meest van al getroffen worden door de ongelijkheid en de gevolgen van de klimaatverandering.

open deurJe zou zo denken dat dit verhaal zo langzamerhand een open deur moet zijn. Maar blijkbaar staat de deur voor veel mensen nog maar op een klein kiertje. We weten het misschien allemaal wel, maar om die wetenschap om te zetten in daden, daar ontbreekt het ons, de mensheid, nog aan. We vertonen vluchtgedrag om maar niet onze levensstijl te hoeven te veranderen. We willen in onze comfortzone blijven. Maar de paus schopt zo nu en dan eens flink tegen die deur om ons uit die comfortzone te halen en ons te wijzen op onze christelijk moraliteit. Als de paus spreekt over ongelijkheid, armoede, milieu, oorlog en economie geeft hij ons een morele leidraad.

Die morele leidraad ontleent hij niet alleen aan de sociale leer van de kerk, maar ook aan de levensinstelling van Franciscus van Assisi. Voor Franciscus was ieder schepsel een broeder of een zuster, met hem verbonden door banden van genegenheid. Daarom voelde hij zich geroepen zorg te dragen voor alles wat bestaat. Paus Franciscus schrijft in zijn encycliek Laudato Si: “Als wij zonder deze openheid voor de verbazing en de verwondering de natuur en het milieu benaderen, als wij niet meer de taal spreken van broederschap en schoonheid in onze relatie met de wereld, zullen onze gedragingen díe zijn van een overheerser, van een consument of van een pure uitbuiter van de natuurlijke bronnen, die niet in staat is paal en perk te stellen aan zijn directe belangen. Omgekeerd zullen soberheid en zorg spontaan ontstaan, als wij ons innerlijk verbonden voelen met alles wat bestaat.”

Daar ligt dus onze opdracht: Ons innerlijk verbonden voelen met alles wat bestaat.

Is het rentmeesterschap nog toereikend? (6)

Natuurmysticus

Om de serie compleet te maken noem ik ook nog de zesde grondhouding; die van de (natuur)mysticus. Bij deze grondhouding is er geen scheiding meer tussen mens en natuur. Ze zijn samen één. De mens zal niet meer van de natuur nemen dan kan, omdat hij aanvoelt hoeveel hij kan nemen en wat hij moet laten. De Westerse mens is dit bewustzijn grotendeels verloren. We zien het nog bij de Indianen, Aboriginals, andere natuurvolken en niet-Westerse culturen. Zo vertelde Vandana Shiva dat ze in de Hindi-klas als eerste les leerde dat mensen lid zijn van de familie Aarde. De meeste niet-Westerse culturen, zegt ze, zijn gebaseerd op de democratie van-al-het-leven. Rabindranath Tagore, een Indiase dichter schreef dat de Indiase cultuur zich onderscheidt van andere culturen door de levensprincipes van de natuur te definiëren als de hoogste vorm van culturele evolutie. “De cultuur van het bos is als een krachtige brandstof voor de Indiase maatschappij. Haar cultuur, die uit het bos opbloeide, is beïnvloed door de diverse processen van vernieuwing van het leven die altijd spelen in het bos, variërend van soort tot soort, van seizoen tot seizoen, wisselend in aanblik, geluid en geur. Het éénmakende principe van leven in diversiteit, van democratisch pluralisme, is zo het principe van de Indiase beschaving geworden.” Door actief te zijn in de natuur groeit het contact met de natuurlijke biodiversiteit en de sociale diversiteit. Dat intense contact is niet alleen noodzakelijk om te overleven, maar het is ook bijzonder bevredigend. Het vertelt ons iets van de essentie van het leven, van ons eigen leven.

Bij de grondhouding van de mysticus past in strikte zin geen vorm van landbouw, het in cultuur brengen van de natuur is niet nodig. De mens is aangewezen op jagen en verzamelen om in zijn behoefte voor voedsel te voorzien. Een voorwaarde hierbij is dat de bevolkingsdichtheid en de beschikbare ruimte en biodiversiteit op elkaar zijn aangepast. Dat wil zeggen dat de bevolkingsdichtheid laag genoeg moet zijn en blijven. Inheemse volken hebben nog wel een vorm van landbouw waarbij het bos een onmisbare bijdrage levert aan de landbouw zelf en dus aan het levensonderhoud. Het bos houdt de grond en het water vast en het levert veevoer en bladcompost, maar ook vruchten, knollen en andere eetbare producten.

permaculture2

In de dichtbevolkte gebieden op Aarde, zoals bij ons in het Westen, is het niet meer mogelijk om terug te gaan naar een dergelijke bestaanswijze. Maar ik zie in de voedselproductie wel initiatieven die er aan raken. Het wildplukken komt weer steeds meer in (hierbij moeten we wel maat kunnen houden), er worden voedselbossen aangelegd met eetbare planten en struiken en bomen met eetbare vruchten. Misschien kun je permacultuur een vorm van landbouw noemen die aansluit bij de grondhouding van de mysticus. In de permacultuur wordt gewerkt vanuit harmonie met de natuur. Er wordt gedacht vanuit het ecosysteem; diversiteit, natuurlijke processen, kringlopen en multifunctionaliteit zijn een aantal kernbegrippen hierin. Er zijn geen echte akkers meer. De gewassen, inclusief vrucht- en notenbomen staan veel meer door elkaar, maar wel in een doordacht systeem. De dieren hebben naast een producerende rol ook een functionele rol. Je kunt permacultuur op kleine schaal toepassen bijvoorbeeld voor zelfvoorzienende woonvormen, maar er zijn ook al voorbeelden van grotere landbouwbedrijven in Amerika die op deze manier werken. permacultuurcubaVandaag las is in de digitale nieuwsbrief duurzaam nieuws over permacultuur in Cuba. “Er worden duurzame menselijke nederzettingen gecreëerd, waarbij de ethiek van de zorg voor de Aarde, mensen en dieren in harmonie met de natuur gevolgd wordt”, zegt projectcoördinator Para. Inmiddels zijn meer dan duizend mensen op Cuba getraind als promotors van permacultuur. Deze mensen nemen een nieuwe levensstijl aan, dichter bij de natuur en met meer gevoel voor en kennis van die natuur. Op die manier ontstaat er een heilzame relatie met de omgeving.

De grondhouding van de natuurmysticus is denk ik wel een hele belangrijke voor onze samenleving. Voor het heil, heelheid en herstel van de Aarde hoop ik dat er in vele gelovigen en niet gelovigen nog een restje van de natuurmysticus over is of daar naar op zoek gaan. Dat we leren om niet alleen vanuit het nut voor de mens te denken en te doen, maar vanuit het geheel. Het voorbeeld van de opkomst van de permacultuur in Cuba is voor mij dan ook een hoopgevend bericht. Een groen lichtpuntje zal ik maar zeggen.

Bij de vorige aflevering eindigde ik al met mijn overtuiging dat de kerk het beeld van het rentmeesterschap los zou moeten laten en dat van de participant zou moeten omarmen. Vandaag zou ik daar een beetje natuurmysticus aan toe willen voegen. Want, ik heb het hierboven nog niet genoemd, de natuurmysticus ervaart in de natuur ook de aanwezigheid van God. Die ervaring, dat gevoel van verwondering en ontzag, draagt naar mijn idee bij aan een zorgende en helende houding voor de schepping.

Eerdere afleveringen in de serie:

despoot/heerser

verlicht heerser

rentmeester

partner

participant

Is het rentmeesterschap nog toereikend? (5)

Participant

De participant voegt aan de erkenning van intrinsieke waarde, die we ook zagen bij de partner, nog de ervaring van verbondenheid en verwevenheid toe. Deze grondhouding sluit dus eigenlijk nog beter aan bij de gedachte dat de mens en zijn natuurlijke leefomgeving in een web van leven in kwetsbaarheid zijn verbonden en op elkaar aangewezen. De participant is zich ervan bewust deel uit te maken van een groter geheel. Dit, zowel op biologisch niveau als ook op wereldbeschouwelijke en spiritueel niveau. De participant staat niet meer naast de natuur, zoals de partner, maar maakt er deel van uit, staat er midden in. Hij vervult ten opzichte van de natuur een dienstbare rol. Het behoeden van de natuur is dan ook een belangrijke doelstelling, ook in de landbouw. De natuur vormt met al haar wijsheid dan ook het voorbeeld voor de landbouw van de participant. De biologisch dynamische landbouw en permacultuur zijn vormen van landbouw die bij de grondhouding van de participant passen. Het boerenbedrijf wordt dan als een organisme in zijn omgeving beschouwd en vanuit die blik gerund. Zo’n bedrijf kan uiteraard alleen een gemengd bedrijf zijn met een ruime vruchtwisseling, mengteelten, het bedekt houden van de bodem (groenbemesters), het gebruik van organische mest, gesloten kringlopen.

bd schoffelen

Met de hand schoffelen helpt om de verbinding met het gewas te versterken. In de landbouw van de participant draait alles om verbondenheid tussen bodem, plant, dier en mens.

In biologisch dynamische landbouw lopen de kippen lekker buiten en kunnen ze hun natuurlijk gedrag vertonen. De snavels worden niet gekapt.

In biologisch dynamische landbouw lopen de kippen lekker buiten en kunnen ze hun natuurlijk gedrag vertonen. De snavels worden niet gekapt.

 

 

 

De participant erkent de waarden en grenzen van de natuur en legt daarom zichzelf beperkingen op. Echter, in het moderne wetenschappelijke tijdperk waarin we nu leven is het besef van participeren, deelhebben aan de natuur, volledig vreemd is geworden. We nemen er aan deel, want ongeacht onze grondhouding, zijn we onderdeel van de natuur. Maar dat beseffen we vaak niet meer, waardoor we geen rekening houden met de natuur en deze ondermijnen. Onze verre voorouders hadden dit besef nog wel. Ook volkeren als de Indianen leven nog vanuit dit besef, maar kunnen wij het ook nog? Zouden we het weer kunnen leren?

De milieufilosoof Wim Zweers, die veel over grondhoudingen heeft geschreven (Zie zijn boek: Participeren aan de natuur; ontwerp voor een ecologisering van het wereldbeeld), stelt dat deelhebben aan de natuur – als essentieel aspect van menselijke zingeving – een bij uitstek hedendaags en westers perspectief kan zijn. De rol die de kerk speelt met betrekking tot zingeving wordt immers steeds kleiner. Maar veel mensen komen erachter dat ze toch niet zonder een vorm van zingeving kunnen. Daarom zou er hoop zijn voor participeren aan de natuur, en daarmee ook hoop om uit de natuur- en milieucrisis te geraken. Willen we deze crisis bij haar wortels aanpakken dan is een nieuw cultuurconcept nodig, schrijft Zweers. Eén waarin de houding van de mens boven of tegenover de natuur plaats maakt voor de verbondenheid van mens en natuur. Dan heeft Zweers het over spiritualiteit en zingeving, over het verbinden van reflectie en waarneming of ervaring. Ik weet niet of ik het hier helemaal verwoord zoals hij dat bedoeld heeft, maar ik zie het zo: Als je wandelt en je geniet van wat je ziet, voelt, ruikt, hoort en proeft (wie kan er nu een dikke rijpe braam laten hangen?), dan kun je je afvragen wat dat allemaal voor jou betekent. Word je er blij of gelukkig van? Voel je de verbondenheid van jou met je omgeving. Dat noem ik spiritualiteit. Een stukje reflectie zou dan zijn: “Wat is mijn rol in het geheel? Wat is hier goed voor de natuur? Wat is goed voor ons, voor mij? Is dit in balans?

DSCN0860

Voor mij een mooie plek om te genieten van de kleuren, de weerspiegeling in het water, de stilte. Voor de dieren een plek om te komen drinken. Voor de planten en bomen een plek om er naar hartelust te groeien in al hun schoonheid.

DSCN0857

En als je je dan omdraait zie je dit op een bordje. “Hier heeft iemand hetzelfde gevoeld als ik”, dacht ik toen ik dit las.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Het gaat erom dat het belang van de mens niet meer voorop staat. Daarom zouden we, naar mijn idee, ook in de kerk het beeld van de rentmeester los moeten laten en die van de partner of liever nog die van de participant moeten omarmen. Daarmee zouden we als kerk de Schepper en zijn schepping veel meer recht doen. Want die schepping, de heelheid van de schepping, die was toch bedoeld voor tot in eeuwigheid?

Deze week nieuw op de website: de overweging omzien naar en interviews met Niels de Zwarte, stadsecoloog in Rotterdam en Bisschop de Korte.

Eerder afleveringen in de serie:

1. Despoot/heerser

2. Verlicht heerser

3. Rentmeester

4. Partner

 

Is het rentmeesterschap nog toereikend? (4)

Is goed rentmeesterschap toereikend om te komen tot een herstel van de Aarde, tot het helen van de schepping? Ik zelf denk dat de Aarde en Gods schepping er baat bij hebben als we een stap verder zetten in de richting van partnerschap of participant of zelfs de mysticus. In een serie over grondhoudingen zal ik dat graag uitleggen. In elk deel beschrijf ik wat de grondhouding inhoudt en laat ik aan de hand van de landbouw zien hoe de grondhouding invloed heeft op het landbouwsysteem. Het vierde deel in de serie betreft de partner.

Partner

Anders dan bij de vorige drie grondhoudingen stelt de partner zich niet langer boven de natuur als heerser of beheerder, maar naast de natuur. De menselijke behoeften vormen niet langer het uitgangspunt. In de grondhouding van de partner zijn de belangen van de natuur gelijkwaardig aan die van de mens. De menselijke doelen zijn duidelijk; voedsel, brandstof, een plek om te wonen. Maar wat zijn ‘de doelen’ van de natuur? Deze zou je kunnen vatten in zelfordening, zelfhandhaving en autonomie. Of te wel zich kunnen ontwikkelen in overeenstemming met eigen aanleg en eigen mogelijkheden. Dat geldt voor individuele soorten, maar ook voor ecosystemen.

riviertje 2014

Ook niet levende natuur, als water en stenen, heeft een intrinsieke waarde.

De gedachte dat mens en natuur partners van elkaar zijn, kan alleen bestaan als de natuur niet meer louter instrumenteel wordt benaderd en alleen wordt beschouwd als een bron voor grondstoffen. Bij de grondhouding van de partner wordt aan de natuur ook een eigen waarde, een intrinsieke waarde toegekend. Het christelijke geloof leert ons dat iedereen waardevol is en er mag zijn. Iedereen heeft een eigen waarde, simpelweg doordat hij of zij ‘is’. In de visie van de partner heeft het begrip intrinsieke waarde betrekking op de gehele natuur, zowel de levende als de niet levende. Maar het blijkt wel dat het erkennen van een intrinsieke waarde steeds moeilijker wordt naarmate organismen steeds verder van de mens afstaan. De intrinsieke waarde van dieren erkennen we gemakkelijker dan die van planten. En wat dan te denken over het erkennen van intrinsieke waarde van lagere organismen zoals, het voor ons onzichtbare, bodemleven. Ja, ook die hebben een intrinsieke waarde, zelfs de rotsen en het water. Dit hebben ze als zelfstandige entiteiten, maar ook omdat in de natuur alle organismen met elkaar en met de niet levende natuur verbonden zijn. Het wel of niet erkennen van de intrinsieke waarde van de natuur legt de basis voor ons handelen.

Kippen_met_vrije_uitloop2

In de biologische landbouw scharrelen de kippen lekker buiten en kunnen ze hun natuurlijke gedrag vertonen.

Bij het partnerschap gaan mens en natuur samen een relatie aan en werken ze samen. De biologische (dynamische) landbouw is een vorm van partnerlandbouw. Bij deze vorm van landbouw is de integriteit van de partner (de natuur) het uitgangspunt. Er wordt geen gebruik gemaakt van chemische bestrijdingsmiddelen of kunstmest. Er wordt zorg gedragen voor een levende en vruchtbare bodem door gewasrotatie en gebruik van organische mest en groenbemesters. Vlinderbloemigen worden bijvoorbeeld in het bouwplan opgenomen om stikstof uit de lucht te binden. De biologische boer streeft naar zoveel mogelijk gesloten kringlopen. In het teeltsysteem wordt uitgegaan van natuurlijk evenwicht.

bloeiende akkerrand 2

Bloeiende akkerranden zijn een walhalla voor insecten en zorgen zo voor minder schadelijke insecten in het cultuurgewas.

Onkruiden, ziekten en plagen worden beschouwd als uitdrukking van een onevenwichtigheid van het systeem, als een signaal dat er iets mis is. Om ervoor te zorgen dat potentiële plaaginsecten zich niet tot een plaag kunnen ontwikkelen kan de boer een rand van bloeiende kruiden rondom de akkers aanleggen. Deze randen trekken onder andere roofinsecten aan die de hoeveelheid plaaginsecten in het cultuurgewas onder de schadedrempel kan houden. Ingrijpen is dan helemaal niet meer nodig. De toepassing van resistente rassen tegen ziekten en plagen past in de bedrijfsvoering van de partnerlandbouwer, maar alleen als deze niet genetisch gemanipuleerd zijn.

Als partner zorgt de mens, vanuit respect, goed voor de natuur maar blijft er zelf in wezen buiten staan. De mens en natuur staan naast elkaar. De participant heft deze afstand op.

De vorige afleveringen in deze serie:

1. De despoot

2. De verlicht heerser

3. De rentmeester

Is het rentmeesterschap nog toereikend? (3)

Is goed rentmeesterschap toereikend om te komen tot een herstel van de Aarde, tot het helen van de schepping? Ik zelf denk dat de Aarde en Gods schepping er baat bij hebben als we een stap verder zetten in de richting van partnerschap of participant of zelfs de mysticus. In een serie over grondhoudingen zal ik dat graag uitleggen. In elk deel beschrijf ik wat de grondhouding inhoudt en laat ik aan de hand van de landbouw zien hoe de grondhouding invloed heeft op het landbouwsysteem. Het derde deel in de serie betreft de rentmeester.

De rentmeester ziet God (christelijke variant) of de mensheid (wereldlijke variant) als ‘eigenaar’ van de natuur. Hij is dan ook verantwoording verschuldigd over het beheer dat hij voert over het aan hem toevertrouwde ‘goed’ aan God of de gehele mensheid (de mensheid als geheel, de vorige, huidige en toekomstige generaties). De rentmeester mag gebruik maken van de rente, maar niet van het kapitaal. De toekomstige generaties hebben immers ook recht op dezelfde rente. Het kapitaal is in dit geval de Aarde met al haar biodiversiteit en de rente wat ze jaarlijks genereert aan bijvoorbeeld plantaardige en dierlijke productie. De natuur vormt de randvoorwaarde voor de economische activiteiten van de mens. De natuur mag gebruikt worden maar niet zodanig geschaad dat toekomstige generaties er geen profijt meer van kunnen hebben. In die zin draagt de rentmeester zorg voor de natuur.

rondeel_bosrand

In een rondeel gaan efficiëntie voor de boer en het welzijn van de kippen samen.

De rentmeesterlandbouw is dan ook een bewarende en verzorgende landbouw, die het voorzorgprincipe hanteert. Er is sprake van een zekere volgorde van belangen. De menselijke belangen (denk aan gezondheid) gaan boven de vitale belangen van dieren en planten, maar deze gaan op hun beurt boven louter economische belangen. De geïntegreerde landbouw (een vorm van gangbare landbouw die veel aspecten van de biologische landbouw heeft overgenomen) is een vorm van rentmeesterlandbouw. Er is aandacht voor het behoud van bodemvruchtbaarheid en dierenwelzijn. Voor de rentmeester is de integriteit van de schepping of van de natuur zoals die is geworden door de evolutie, een groot goed.

Bij een rentmeester landbouw past mechanische onkruidbeheersing beter dan chemische bestrijdingsmiddelen.

Bij een rentmeester landbouw past mechanische onkruidbeheersing beter dan chemische bestrijdingsmiddelen.

Hij zal dan ook terughoudender zijn met het inzetten van bijvoorbeeld gentech-rassen dan de verlicht heerser. Met name als er een risico van zogenaamde uitkruising bestaat (dat via (ongewenst) stuifmeeloverdracht andere gewassen of onkruiden ook de gentech-eigenschap verkrijgen). Bij herbicide resistente gen-techgewassen is dit risico niet uit te sluiten. Er bestaat altijd een kans dat door stuifmeeloverdracht door wind of insecten wilde verwanten of onkruiden ook resistent worden tegen dit herbicide (gif om onkruiden te doden). Dat is niet alleen lastig voor de onkruidbestrijding. Het wordt door de rentmeester ook gezien als aantasting van de heelheid van de schepping met als gevaar dat de natuur uit balans raakt. Onkruiden, ziekten en plagen worden in zekere mate toegelaten in het systeem. Pas als ze boven een schadedrempel uitkomen (dat wil zeggen dat het cultuurgewas er daadwerkelijk schade van ondervindt) wordt er ingegrepen. Biologische of mechanische bestrijding genieten hierbij de voorkeur, maar het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen is niet uitgesloten.

Als we als mensheid als goede rentmeesters zouden leven dan gebruiken we dus niet meer dan de Aarde kan bieden. Onze ecologische voetafdruk laat echter zien dat we als mensheid leven alsof we 1,5 Aarde tot onze beschikking hebben (De gemiddelde voetafdruk van de wereldburger is 2,7 ha, terwijl er 1,8 ha per persoon beschikbaar is). Blijkbaar is de mensheid niet in staat om als een goed rentmeester te leven. Dit komt denk ik enerzijds doordat we in de praktijk niet als een goed rentmeester leven, en dus meer nemen dan waar we recht op hebben. Maar aan de andere kant komt het ook omdat, net als bij de despoot en de verlicht heerser, de mens nog steeds boven de natuur wordt gesteld.

aantasten aarde

zijn we als mensheid toch de Aarde aan het opeten.

aarde in handen 2

De rentmeester wil de Aarde op handen dragen dragen, maar ongemerkt

 

 

 

 

 

 

 

 

Het nut voor de mens is het uitgangspunt en de natuur vormt daarbij slechts een randvoorwaarde. Dit is in mijn ogen een valkuil. De rentmeester wil schade aan de natuur voorkomen, met het oog op de volgende generaties. Maar hij kijkt niet naar wat goed is voor de natuur zelf. Schade voorkomen en kijken wat goed is, zijn nog twee heel verschillende dingen. Het gevaar van de kaasschaafmethode ligt hier op de loer. Wanneer is er sprake van schade? Dat is vaak een glijdende schaal. Ik denk bijvoorbeeld aan het Groene Hart. De overheid heeft lang geleden al besloten dat dit groen moet blijven. Maar je ziet dat er toch steeds aan de randen aan wordt geknabbeld. ‘Ach een klein stukje eraf ten bate van een uitbreiding van dorp, stad of industrieterrein kan toch geen kwaad?’ Mijn conclusie is dan ook dat het rentmeesterschap te kort schiet als het gaat om het behouden, behoeden en helen van de hele schepping.

Ook de Raad van Kerken komt tot dit inzicht. In 2009 schreef de Raad van Kerken in een verklaring: ‘Wij hebben lang geleefd met een idee van de beheersbaarheid van het leven, waardoor de mens, ook in relatie tot de natuur, zich soms onkwetsbaar achtte, of dat door de vooruitgang van wetenschap en techniek dacht te kunnen worden. De actualiteit van de klimaatverandering heeft dat beeld wreed verstoord. De mens en zijn natuurlijke leefomgeving van dieren en planten zijn in een web van leven en kwetsbaarheid met elkaar verbonden en op elkaar aangewezen.”

Uitgaande van het beeld van in een web met elkaar verbonden zijn past in feite geen grondhouding waarin de mens boven de natuur staat. Een grondhouding waarbij de mens en natuur naast elkaar staan, op basis van gelijkwaardigheid, of samen één zijn, is hier meer op zijn plaats, zoals respectievelijk bij de partner of de participant.

Vorige afleveringen van de serie:

Deel 1, de despoot

Deel 2, de verlicht heerser