Een bron worden

Het werd me in de schoot geworpen. Ik mocht voorgaan op 8 maart, derde zondag van de veertigdagentijd, maar ook internationale vrouwendag. En toeval of niet, er stond een evangelieverhaal van Johannes (4, 5-42) op het rooster waarin een vrouw de hoofdrol speelt. Mooier kun je het niet krijgen. Ik vind het echt een bijzonder verhaal; een Samaritaanse vrouw, dus geen Joodse, getuigt als eerste dat Jezus de Messias is. Ze had hem ontmoet bij de bron, waar ze water ging halen en ze waren met elkaar in gesprek geraakt. Jezus weet haar in dat gesprek op waarde te schatten. Ze is voor hem een gelijkwaardige gesprekspartner. En omdat hij in haar een ware leerling/apostel ontwaart, maakt hij zich bij haar bekend als zijnde de Messias.

Zowel in de seculiere maatschappij als in de kerken wordt de rol van de vrouw vaak ondergewaardeerd. Terwijl er in de bijbel veel verhalen staan waarin vrouwen een beslissende rol in de loop van de heilsgeschiedenis hebben gespeeld. Vrouwen die met naam genoemd worden: Sara, Rebecca, Esther of Mirjam, Maria de moeder van Jezus, Martha en Maria Magdalena. Maar ook vrouwen zonder naam zoals de Samaritaanse vrouw in het evangelie van Johannes en de Kananese vrouw in het evangelie van Marcus (7, 24-30), die Jezus vraagt haar dochter te genezen.

Ik vind deze ontmoeting zo bijzonder omdat zij Jezus de ogen opende waarvoor hij gekomen was. Op zijn aanvankelijke weigering om haar dochter te genezen en zijn opmerking dat je brood voor de kinderen niet aan de honden moest geven, antwoordde zij heel ad rem dat de honden de kruimels brood eten die van de tafel van de baas gevallen zijn. Door haar antwoord kwam Jezus tot een nieuw en grensoverschrijdend inzicht. Hij was niet op aarde gekomen om alleen de dolende schapen van het huis van Israël te redden, maar om alle mensen te redden. De Kananese vrouw had dat eerder in gaten dan Jezus zelf.

Foto: Marijke van der Giessen

Ik vroeg me af welke vrouwen in onze tijd echt van invloed zijn (geweest) op de loop van de geschiedenis. De eersten die boven kwamen drijven waren Jane Goodall en Rachel Carson, beide bioloog. Rachel Carson schreef het liefst over haar liefde voor de natuur, over de schoonheid, de samenhangen en haar verwondering. Maar toen ze merkte dat in de lente de vogels steeds minder te horen waren en ze door onderzoek had ontdekt dat dit kwam door bestrijdingsmiddelen zoals DDT die in de voedselketen terecht kwamen, schreef ze het nu beroemde boek Silent Spring, Stille Lente. Zelf zegt ze over dit boek: “De schoonheid van de levende wereld die ik probeerde te redden stond in mijn gedachten altijd voorop – dát, én de boosheid over de zinloze, domme dingen die werden gedaan. Ik voelde mij geroepen door een plechtig op mij genomen verplichting om te doen wat ik kon – als ik het niet op z’n minst geprobeerd had zou ik nooit meer gelukkig kunnen zijn in de natuur.”

Zij hoopte met haar boek iets te weeg te brengen. Dat is gelukt. Terugkijkend heeft haar boek de loop van de geschiedenis veranderd. De milieubeweging was geboren.

Lees hier de hele overweging

Plaats een reactie