Klimaatparade

Afgelopen zondag gingen wereldwijd 785.000 mensen de straat op met het motto “Wij zijn niet te stoppen, klimaatverandering wel!’’ Maar dan moet je natuurlijk wel in actie komen. “Kom in actie!!” was de boodschap die iedereen uitdroeg aan alle wereldleiders die nu in Parijs bijeen zijn. Zij sluiten daar immers een klimaatverdrag dat onze toekomst, en die van onze kinderen en kleinkinderen en de Aarde, bepaalt. We hebben massaal van ons laten horen, en we zijn gehoord. “Deze roep kunnen we niet negeren”, heeft Obama gezegd. Klimaatgerechtigheid, dat is wat ik hoop dat deze top oplevert.

klimaatparade A'dam 2 (Dick Biesta) Klimaatparade A'dam 3 (Dick Biesta)

Het was die zondagmiddag guur herfstweer, met regen en wind. Er was voor later op de middag en avond zelfs code oranje afgegeven. Maar dat deerde ons in Amsterdam niet. Gehuld in regenpak of paraplu gingen we gewoon op weg. We droegen de Ark van Noach mee, die heel wat bekijks trok. Noach was een vooruitziend man en bouwde de ark met een blik op de toekomst. De ark als teken van hoop, als teken van actie, het heft in eigen handen nemen en het schuitje waarin we met ons allen zitten en willen overleven.

De sfeer was goed, vrolijk zelfs, met veel muziek, waardoor je als vanzelf ging dansen, of iets wat daar op leek. Het hield ons in ieder geval warm. Op allerlei manieren lieten de mensen zien wat voor hun belangrijk is. Een stel verpleegsters ontfermden zich om een gewonde aardbol. Studenten reden mee met een bakfiets vol ‘weggegooid’ voedsel en deelden dat uit. “Taste before you waste” (Proef voordat je het weggooit), was hun boodschap. We hebben met ons allen heerlijk gegeten van een anders weggegooid brood. Het deed me denken aan het verhaal van de zeven broden en wat visjes (Mt 15, 34-37).

paris-shoes-590

Weer thuis gekomen keken we naar het Journaal. Daarin werd Amsterdam nauwelijks genoemd. Jammer. Maar wel de schoenen in Parijs. Het beeld van een plein vol schoenen met briefjes, plantjes, maakte op mij diepe indruk. Ieder paar schoenen een hartenkreet voor een leefbare toekomst. Deze stille boodschap moet volgens mij oorverdovend binnenkomen bij de wereldleiders in Parijs. Ik wens ze wijsheid, moed, lef en barmhartigheid toe.

De groene kerken bloeien en groeien

logo groene kerk 1Zaterdag 10 oktober ben ik naar alweer de vierde Groene kerkendag geweest. Ik was er niet alleen. Meer dan 150 mensen uit het hele land waren naar Houten gekomen voor ontmoeting en inspiratie. Uit de interactieve opening door dagvoorzitter Niels de Zwart bleek dat ongeveer de helft van de aanwezigen voor het eerst deelnam. Er ontstond daardoor een prachtige dynamiek tussen ‘de oude rotten in het vak’ en de ‘nieuwkomers’.

In de liturgische opening met Roland Putman en Otto Sondorp was ‘hoop’ het kernwoord.

“Vandaag is er een klein groen begin van hoop. Het mag ook klein beginnen.”

Met het vertrouwen dat het zal groeien net als het mosterdzaadje dat uitgroeide tot een grote struik, waar de vogels van de hemel in de takken kwamen nestelen.

De deelnemers konden volop inspiratie halen uit de verhalen van verschillende mensen die vertelden wat ze bij hun in de kerk doen, en dat ging verder dan zonnepanelen op het dak en het schenken van fair trade koffie. De Doopsgezinden in Aalsmeer gebruiken een aanstekelijke formule met in ieder jaargetijde een gezamenlijke activiteit: een groene viering in het voorjaar, een fietstocht langs ‘groene’ of juist ‘niet groene’ plekken in de zomer, logo-klimaatloop1een duurzame maaltijd en markt van streekproducten in het najaar en in de winter een gemeenschapsavond waarbij meestal een iemand wordt uitgenodigd die een interessant verhaal kan vertellen rondom geloof en duurzaamheid. De jongeren lopen mee met de climate miles van Urgenda. U kunt ook meelopen of kiezen voor de klimaatloop.

Het gevarieerde aanbod van de workshops maakte de keus wel moeilijk. Inspiratie en informatie, actie en bezinning, het kwam allemaal aan de orde in de vorm van een scheppingswandeling, een workshop over de Joodse spijswetten, over duurzaamheid in de islam, over de encycliek Laudato Si van paus Franciscus, of over de rol van geld, van de voorganger of van jongeren in de groene (wijk-)gemeente.

Het was een stralende dag en een hele dag binnen is ook maar binnen. De keuze voor de scheppingswandeling was dan ook snel gemaakt. Lisette van der Wel leidde ons tijdens de wandeling door het mysterie van het ontstaan van het heelal en de aarde met al het leven. In haar verhaal liet ze zien dat, om te overleven als de omstandigheden veranderden, er steeds meer samenwerking kwam. Eerst tussen elementen, daarna binnen cellen, tussen cellen, binnen organismen en tussen organismen. Dit ging gepaard met een toename van complexiteit, maar ook met een toename van zorg. De dino’s waren de eerste dieren met ouderlijke zorg voor hun jongen. Affectie, empathie en zorg, zijn kwaliteiten die langzamerhand zijn ontstaan en dus niet eigen zijn aan de mens. Maar ze zijn wel onmisbaar voor ons menselijke bestaan. De climax van deze kwaliteiten is misschien wel eigen aan de mens; liefde. Maar ook daar staan we niet alleen in want de allesomvattende liefde komt van God. En die liefde klinkt door het hele verhaal heen.

scheppingswandeling met Lisette van der Wel

In de workshop rondom Laudato Si hebben we het gebed voor de aarde gelezen met de methode van Lectio Divina. Bij deze methode wordt de tekst drie keer gelezen. Elke keer met een andere ‘opdracht’. Welke zin of welk woord raakt je? Wat is voor jou de boodschap? Wat ga je hiermee doen? In stilte hebben we deze vragen overdacht en uitgewisseld met elkaar. Ik had al eerder van deze methode gehoord, maar het nog nooit toegepast. Het was een verrijkende ervaring.

Een andere manier om in een korte tijd de kernboodschap van de encycliek ‘Laudato Si’ te horen is te kijken naar het filmpje dat onze Vlaamse buren maakten. Het is te vinden op www.nieuw.kerknet.be.

Het was een geweldige mooie en inspirerende dag. We somberen weleens over leeglopende kerken, kerkelijk bureaucratie, misstanden in de kerk en een tegenvallend overheidsbeleid op het gebied van duurzaamheid, maar hier in Houten kregen we een geweldige opkikker. Er kwamen dit jaar 23 nieuwe groene kerken bij. De beweging van de Groene Kerken bloeit en groeit! Bent u er volgend jaar ook bij?

Geprezen zijt Gij

Ik heb er lang naar uit gekeken en nu is het alweer twee weken geleden dat de encycliek ‘Laudato Si’ van paus Franciscus is uitgekomen. In de rondzendbrief roept de paus alle mensen van goede wil op om zich in te zetten voor een rechtvaardige en duurzame wereld, ons gemeenschappelijke huis.

De titel ‘Laudato Si’ (Geprezen zijt Gij) vind ik knap gekozen. Ze verwijst naar het Zonnelied van Franciscus van Assisi (1182-1226), waarin God geprezen zij door de mensen en alle elementen van de schepping die hij broeders en zusters noemt (broeder zon en zuster maan). Met de titel van de encycliek wijst de paus de richting aan die hij ziet als oplossing voor de wereldwijde sociale- en ecologische crisis., namelijk het Evangelie van de schepping. De hele schepping is verbonden in een broeder- en zusterschap. Het is nodig dat wij leven vanuit het bewustzijn van die verbondenheid met alle schepselen en met de Schepper.

De paus noemt dit integrale ecologie. Hierin verbindt de paus de micro-ethiek, de sociale ethiek en het thema van duurzaamheid. Solidariteit en gerechtigheid, de pijlers van de sociale leer van de kerk, zijn hierin onmisbaar. Als kinderen van één Vader zijn we geroepen tot solidariteit, met de armen, met mensen in nood, maar ook met alle andere schepselen op Aarde en de Aarde zelf. Want allen zijn geschapen door Gods Woord en hebben in Zijn ogen een waarde in zichzelf.

laudato si

De paus houdt ons in zijn rondzendbrief een spiegel voor, om vooral naar ons eigen gedrag te kijken en waar nodig te veranderen. Franciscus stelt dat veel mensen een ecologische bekering nodig hebben om los te komen van de consumptieve levensstijl, die door onze wegwerpmaatschappij zo sterk gestimuleerd wordt. Het steeds maar verlangen naar meer, naar wat je niet hebt, maakt echter ongelukkig, zegt hij. Juist mensen die genieten van het kleine en de kunst verstaan te leven volgens het motto: ‘minder is meer’ leven intenser. ‘Soberheid’ is in deze zin de weg naar het vervulde leven.

“Geluk zit in de kleine dingen”

Hierbij moet ik denken aan een pak pannenkoekenmeel van de molen. Is het niet geweldig dat je je kind blij kunt maken met een fietstochtje naar de molen om daar meel voor de pannenkoeken te kopen en bij terugkomst samen pannenkoeken te bakken. Dat pak meel is dan niet meer zomaar een pak meel maar symbool voor een fijne middag met aandacht voor elkaar; ‘meer met minder’. Geluk zit in de kleine dingen.

Wat ik me steeds meer realiseer is dat ‘weten van’ niet genoeg is om gedrag te veranderen. Een duurzame levensstijl moet van binnenuit komen. Zonder innerlijke kracht is het vrijwel onbegonnen werk in deze wereld met zoveel verleidingen. Als christenen geloven we dat we dan mogen vertrouwen op Gods Geest. Hij wil en kan mensen vernieuwen. De Geest doorbreekt passiviteit en moedeloosheid en geeft ons vreugde en vrede.

Daarom wil ik eindigen met een gebed van paus Franciscus, waarin we God vragen om ons ontvankelijk te maken voor zijn Geest.

Heilige Geest,
maak dat mijn hart openstaat voor Gods Woord,
dat mijn hart openstaat voor het goede,
dat mijn hart alle dagen openstaat voor de schoonheid van God.

bijen-vlinders

Wil je meer, neem dan minder

boekje Vandana Shiva“Wil je meer, neem dan minder” is een uitspraak van Vandana Shiva die ze doet in het lezenswaardige boekje ‘De armoedige levensvisie van het rijke Westen’ Vandana Shiva is opgeleid als fysicus, maar ontwikkelde zich geleidelijk aan tot natuurwetenschapper en milieuactiviste. Door zich in te zetten voor de milieubeweging ontmoette ze levensgemeenschappen die haar de spiritualiteit van de natuur leerde ervaren.

In het genoemde boekje deelt Shiva haar zorgen over hoe, met name het rijke Westen, met de Aarde omgaat, door haar armoedige levensvisie. “Er zijn twee zaken waarvan we dachten dat ze overbodig waren, maar waarvan we nu moeten toegeven dat ze levensbelang zijn. Het eerste is het erkennen van het heilige. Het tweede het verwerpen van de scheiding tussen lichaam en geest.

Mij gaat het vandaag om dat heilige. Ik worstel altijd met het heilige. Maar Shiva legt het zo uit dat ik er wat mee kan. Het heilige erkennen betekent het erkennen van grenzen en deze niet overschrijden. Het heilige woud is het woud dat zegt: “Eet van mijn vruchten, maar kap mijn bomen niet”. De heilige rivier die zegt: “Vis voor je eigen behoeften, maar vervuil mijn water niet.”

“Grenzen stellen aan onze eigen gulzigheid”, zegt Shiva, “is ongetwijfeld een deel van de spiritualiteit die we nodig hebben”. Feestelijke beleving, het vieren van de overvloed die er is, is het aanvullende deel van spiritualiteit. Dus genieten van de vruchten uit het woud en daar dankbaar voor zijn. En weten, dat als je de boom laat staan, er volgend jaar weer vruchten zullen zijn.

Bosbeleving

Vorig weekend hebben we ons als gezin in het bos ondergedompeld. We waren daar niet alleen. Ruim 30 mensen, allemaal ouders met kinderen, deden mee aan een weekend ‘overleven in het bos’. Wat te doen als je verdwaald bent, het wordt donker en je hebt vrijwel niks bij je? Het eerste wat ons geleerd werd: ga rustig zitten, haal diep adem en kom tot rust. Ga niet in paniek rondlopen, want dan verspil je alleen maar energie en die heb je juist nodig.

Een dak boven je hoofd

Wil je de nacht goed doorkomen dan is warm blijven een eerste vereiste. Je kunt natuurlijk een vuur maken, maar dat is zonder aansteker of lucifer niet zo makkelijk (zie verderop). Dus hebben wij geleerd hoe je een onderkomen kunt maken van takken en bladeren. Je maakt eerste een tentvormig skelet van takken en die bedek je helemaal met bladeren, heel veel bladeren, zoveel als je kunt vinden. Dan moet je niet vergeten de bodem van het onderkomen van een isolerende laag van bladeren, droog gras, mos of heide te voorzien, want anders is het toch wel koud. Daar kwamen mijn dochter en haar vriendin achter die in het zelf gemaakte bouwsel waren gaan slapen. Zij lagen op de kale grond en kregen het door het optrekkende vocht te koud. De jongetjes, in het tweede onderkomen, hadden het slimmer aangepakt en ‘sliepen’ op een schapenvacht. Ze hebben het niet koud gehad, maar met z’n drietjes was het wel een beetje krap.

onderkomen bouwen

In het klein wordt voorgedaan hoe je een onderkomen kunt bouwen.

onderkomen maarten

Het zelf gebouwde onderkomen waarin de drie jongens geslapen hebben.

Te eten

Direct de eerste ochtend werden we het bos ingestuurd om eetbare planten te verzamelen. Of tenminste, planten of andere dingen waarvan je dacht dat het wel eens eetbaar zou kunnen zijn. En o ja, “zoek ook alvast klein droog materiaal waar je een vuurtje mee kunt beginnen. Nu is het droog, dus dit is je kans”. Overleven is dus ook vooruitdenken. Ik merkte dat ik met heel andere ogen door het bos liep dan normaal. Dan kijk ik meer genietend; soms van het geheel, soms van het detail. Maar als je echt op zoek bent naar iets eetbaars denk je bij alles: “Kan ik het gebruiken?” Bij de bosbessenplanten dacht ik eerst: ‘Jammer dat er geen bosbessen meer aan de struikjes zitten.” Maar direct daarna: ”Misschien kan je met het blad ook wel wat.” En dan zie opeens dat er naast de oude verweerde bladeren ook nog jongere scheuten zijn. Die zijn vast veel lekkerder en gaan dus in de verzameltas. En wat blijkt, je kunt er thee van zetten. Niet alles wat we verzameld hadden bleek eetbaar. De aardappelbovisten en het vingerhoedskruid kun je maar beter laten staan. Van de dennennaalden hebben we echter heerlijke thee gezet. De brandnetels verdwenen gelijk in de soep voor tussen de middag. En wist je dat je van brandnetels ook stevig touw kunt maken?

gevonden voedsel

Welke planten zouden wel eetbaar zijn en welke niet?

geroosterde brandnetel

Geen marshmallows boven het vuur, maar brandnetels. Geroosterd met een beetje zout zijn ze best lekker.

 Vuur

Waar haal je droog brandbaar materiaal vandaan in een bos met een vochtige bodem? Speurend loop ik rond. Dan zie ik een omgevallen den met allemaal verdroogde naalden aan hele dunnen takjes. Ideaal. Deze takjes hebben niet op de grond gelegen en zijn daarom best droog. Ook onder bomen, waar minder regen valt, is nog wel droog materiaal te vinden. De losse vellen van de berk zijn net aanmaakblokjes; lekker droog en oliehoudend.

Een vuurtje opbouwen met takjes van klein naar groot in de vorm van een piramide met een opening onderin dat lukt nog wel. Maar ja, hoe steek je dat aan zonder lucifer of aansteker? Hoe maak je vuur? Dat kan met een moederbord, een spil, een vuurboog en een houder op de spil. Ik ga het hier niet allemaal uitleggen. In het filmpje onderaan dit bericht is te zien hoe door het draaien van de spil zoveel wrijvingswarmte ontstaat dat het hout verkoolt. Uiteindelijk krijg je een gloeiend kooltje waarmee je een nestje van droog gras, mos en pluis van distel, lisdodde (rietsigaar) of wilgenroosje, door het voorzichtig aan te blazen, brandend krijgt. Dit brandende nestje doe je dan onderin de klaarstaande piramide van takjes. Dan maar hopen, nog wat blazen of wapperen en het vuurtje blijven voeren met droge takjes.

Wij gebruikten een reuze vuurboog en zijn met ons allen misschien wel een uur bezig geweest om vuur te maken. Maar de euforie was dan ook groot toen alle vuurtjes brandden.

vuurboog

Vuur maken met een reuzen vuurboog vraagt om samenwerking.

vuurnestje aanblazen

Voorzichtig het kooltje aanblazen in het nestje.

vuurtjes branden

De euforie was groot toen alle vuurtjes brandden.

 

 Beleving

Het was een geweldige beleving om met z’n allen zo bezig te zijn in het bos. Iedereen was gelijk. Het was ook prachtig om te zien en te ervaren hoe de kinderen met elkaar omgingen, hoe de ouders en kinderen met elkaar omgingen en hoe de volwassenen met elkaar omgingen. Eén van de opmerkingen tijdens het afsluitende gesprek was dat er helemaal niet was gesproken over wat iedereen in het dagelijkse leven doet. We waren die twee dagen er gewoon als mens, niet als iemand met een functie. Dat was eigenlijk heel bijzonder.

De meest indrukwekkende beleving was toch wel het sluipen door het bos. Zo lopen dat je geen takjes laat kraken, dat je je heel bewust bent van je omgeving en daar helemaal in opgaat. Zo zijn we met de hele groep in de schemering naar de rand van het stuifzand geslopen en hebben we daar stil op de grond gezeten. We hebben ze niet gezien, maar wel gehoord en ‘gevoeld’; de burlende herten, in de bosjes vlak naast ons. Een mooier verjaardagscadeau kun je niet wensen.

Wil je meer weten of zelf zo’n weekend beleven kijk dan eens op bosbeweging.