Bag and buy

Twee weken geleden ben ik naar de opening van Bag & Buy in Utrecht geweest. Emily -Jane Lowe, die het boek Leven zonder afval, schreef verrichtte de openingshandeling en zei dat ze zo ontzettend blij is met de realisatie van deze winkel. Het was haar wens om de eerste ‘verpakkingsvrije’ winkel in Nederland te openen. Dat dát niet gelukt is vond ze niet zo erg. Bag & Buy in Utrecht is de tweede. Opgeweckt Noord in Groningen ging ze net een paar maanden voor.

Bag&BuyAls je bij de winkel in de Twijnstraat boodschappen gaat doen moet je je eigen zakjes, potjes of flesjes meenemen. Alle waren van pasta’s, noten en zaden, bonen, thee en koffie, kruiden en oliën worden los aangeboden. Je bent dus niet meer afhankelijk van voorverpakte hoeveelheden. Je kunt helemaal vrij zelf bepalen hoeveel je waarvan wilt hebben.

De winkel vergt wel een grote zelfredzaamheid en veel tijd van de klanten. Je moet niet denken dat je even naar binnen glipt, snel wat uit het schap pakt, betaalt en weer buiten staat. Eerst moet je je lege potten, flessen, of zakken wegen en hierop een sticker met barcode en gewicht plakken. Vervolgens ga je ze vullen. Het is dan veel lezen geblazen. Op elke dispenser staat nauwkeurig wat erin zit, of het bio of eko is (of niet, dan staat er niks bij) en de prijs per 100gr of per kilo. Het lastigste is dat je precies moet onthouden wat in welke pot of zak zit (Bij een glazen pot kun je dit nog zien, maar bij een katoenen zak niet). Eenmaal gevuld weeg je de pot of zak opnieuw en dan moet je op de display van de weegschaal het juiste product selecteren.

Bag&buy 2Ik moet zeggen dat laatste viel niet mee. Via een keuzemenu op de weegschaal moet je je product zien te vinden. Maar had ik nu milde muesli, of gemengde muesli? Mijn muesli was bio, maar die kon ik op het scherm van de weegschaal niet terugvinden. Als het druk is in de winkel voel je de druk van al die wachtenden die ook hun product willen wegen. Dat werkt natuurlijk niet mee als je het allemaal even niet kunt vinden.

Ik juich het concept van harte toe. Maar de winkel beperkt zich tot droge levensmiddelen en oliën. En natuurlijk scheelt dit al in de afvalberg die je anders in huis haalt. Bij ons komt het meeste plastic echter in huis via de vegetarische producten die vaak ‘vochtig’ zijn en de zuivel. Die zou ik graag zonder plastic verpakking willen kopen. Emily gaat dan zover dat ze ook zelf haar vegetarische burgers maakt. Voor mij is dat eerlijk gezegd nog een stap te ver. Al hoewel, de notenburgers maak ik al helemaal zelf van noten uit de Bag & Buy.

Water en ons gebruik

In de aanloop naar het nieuwe project Oeganda van de Vastenactie schrijf ik een serie met het thema water. (Gebrek aan) water speelt een cruciale rol in het dagelijks leven van de gemeenschap in Oeganda die de actie zal gaan steunen. Dit is de tweede aflevering in deze serie.

Levend water

kqmy_Samaritaansevrouw3Jezus verliet Judea en ging weer naar Galilea. Daarvoor moest hij door Samaria heen. Zo kwam hij bij de Samaritaanse stad Sichar, dicht bij het stuk grond dat Jakob aan zijn zoon Jozef gegeven had, waar de Jakobsbron is. Jezus was vermoeid van de reis en ging bij de bron zitten; het was rond het middaguur. Toen kwam er een Samaritaanse vrouw water putten. Jezus zei tegen haar: ‘Geef mij wat te drinken.’ Zijn leerlingen waren namelijk naar de stad gegaan om eten te kopen. De vrouw antwoordde: ‘Hoe kunt u, als Jood, mij om drinken vragen? Ik ben immers een Samaritaanse!’ Joden gaan namelijk niet met Samaritanen om. Jezus zei tegen haar: ‘Als u wist wat God wil geven, en wie het is die u om water vraagt, zou u hém erom vragen en dan zou hij u levend water geven.’ ‘Maar heer,’ zei de vrouw, ‘u hebt geen emmer, en de put is diep – waar wilt u dan levend water vandaan halen? U kunt toch niet meer dan Jakob, onze voorvader? Hij heeft ons die put gegeven en er zelf nog uit gedronken, en ook zijn zonen en zijn vee.’ ‘Iedereen die dit water drinkt zal weer dorst krijgen,’ zei Jezus, ‘maar wie het water drinkt dat ik hem geef, zal nooit meer dorst krijgen. Het water dat ik geef, zal in hem een bron worden waaruit water opwelt dat eeuwig leven geeft.’ ‘Geef mij dat water, heer,’ zei de vrouw, ‘dan zal ik geen dorst meer hebben en hoef ik ook niet meer hierheen te komen om water te putten.’

Dit verhaal uit Johannes 4 is een bijzonder verhaal. Er gebeurt van alles dat ‘niet past’ in het gewone leven, de dagelijkse gang van zaken in die tijd. Een vrouw, een Samaritaanse vrouw wordt aangesproken door een Joodse man. Hij, Jezus, begint zelfs een gesprek met haar. Ondenkbaar in die tijd. Dan zegt Jezus dat Hij levend water geeft, zodat je geen dorst meer zult hebben. De vrouw begrijpt wat Hij bedoelt en vraagt om dit water. Ook dit vindt ik al bijzonder.

Fysiek water

meisje waterdragenMaar in deze tweede aflevering over de serie water, gaat het mij toch om het fysieke water. De vrouw moet een eind lopen van huis naar de put om water te halen. Het water in de put is haar levensbron en die van de hele stad. En het is niet zomaar een put, maar een put gegeven door hun voorvader Jakob. Generatie op generatie put uit deze bron. De bewoners in de stad zijn afhankelijk van deze bron.

In ontwikkelingslanden is het voor veel vrouwen het halen van water in kruiken bij de put nog steeds een dagelijkse bezigheid. Soms moeten ze er kilometers voor lopen. Dat maakt natuurlijk wel dat ze zuinig omspringen met het water.

Hoe anders is dat bij ons. Wij draaien de kraan open, gewoon thuis, en het stroomt in overvloed. We denken er vaak niet bij na, hoeveel water we gebruiken en waarvoor allemaal. Toch zouden we dat wat vaker moeten doen, want water wordt schaars. Zoet, drinkbaar water bedoel ik dan. Het is haast niet voor te stellen omdat er zoveel water is op de Aarde. Maar hiervan is slechts 1% bruikbaar als drinkwater of water voor de landbouw. Het meeste water is zout oceaanwater of ijs.

Onzichtbaar water

De Nederlander gebruikt gemiddeld 2300 m3 per jaar (WNF-2010-WatervoetafdrukNederland). Nu denkt u misschien, wij niet. Onze watermeter geeft toch heel wat minder aan. Maar wist u dat het directe watergebruik thuis, uit de kraan, slechts 2% vormt van ons werkelijke watergebruik? Het meeste water is voor ons onzichtbaar water. Water dat wordt gebruikt in de industrie en landbouw. Nederland importeert veel onzichtbaar water (ook wel indirect water genoemd) uit het buitenland. Ook uit landen waar water schaars is. Bij de agrarische producten komt maar liefst 97% van het water uit het buitenland. Dan moet je denken aan import van koffie, thee, veevoer, katoen, plantaardige olie, fruit, noten, wijn enzovoort.

Wees wijs met water

watervoetjesToen ik op de lagere school zat hadden we een kleurwedstrijd met als thema ‘Wees wijs met water’. We leerden dat je de kraan niet moet laten stromen tijdens het tandenpoetsen en beter kunt douchen in plaats van in bad gaan. Nu weten we dat ‘Wees wijs met water’ veel verder strekt dan alleen het gebruik van het directe water. Wat we eten bijvoorbeeld, heeft veel meer invloed op het watergebruik. Wist u dat er 15.500 liter water nodig is voor 1 kilo rundvlees en 3900 liter water voor een kilo kip, 1300 liter voor een kilo tarwe en 3400 liter voor een kilo rijst. Door ons menu te veranderen, door bijvoorbeeld minder vlees te eten, besparen we veel meer water dan als we korter douchen. Daarmee wil ik natuurlijk niet wil zeggen dat dit een vrijbrief is om lekker lang onder de douche te staan.

De verwachting is dat ‘bruikbaar’ water, onder andere door klimaatverandering, steeds schaarser zal worden. Alleen al uit solidariteit met al die mensen, vaak vrouwen en kinderen, die eindeloos moeten lopen voor hun drinkwater, zouden wij hier ons voedingspatroon en leefstijl kunnen veranderen, zodat we niet alleen minder direct water gebruiken maar ook minder water importeren via ons voedsel en kleding. Het gaat gewoon om eerlijk delen.

 

Een geschenk uit/aan* de hemel

logo studiedag“Wat heeft God met duurzaamheid van doen?” Rondom die vraag kwamen mensen vanuit allerlei christelijke richtingen 12 juni bij elkaar in Ede. Veel mensen binnen de kerk zijn heel actief met duurzaamheid bezig. Maar er is grote behoefte aan theologische onderbouwing hiervan. Daar ontbreekt het in Nederland nog aan, zei dagvoorzitter Martiene Vonk. De dag was dan ook bedoeld om deze theologische discussie op gang te brengen. De studiedag werd georganiseerd door het netwerk theologie en duurzaamheid, waar ik zelf ook deel van uit maak.

In de ochtend kwamen vier sprekers aan het woord.

Symbolische waarde

Kerk-den-ham-300x194Het plaatsen van zonnepanelen op een kerkdag lost het energieprobleem natuurlijk niet op. Het heeft vooral een symbolische waarde. Bert Altena, predikant te Assen en omstreken, vertelde dat het project ‘zonnepanelen’ verbindend werkt zowel binnen de Gemeente als naar de ‘buitenwereld’. Verbinding is voor Bert Altena een belangrijk thema. Dat blijkt ook uit de bouwstenen die hij aandraagt voor een theologie van duurzaamheid. De eerste bouwsteen is gerechtigheid, vooral richting de mensen in de ontwikkelingslanden die het minst bijdragen aan vervuiling en uitputting, maar wel de meeste gevolgen ondervinden. Een tweede notie is de actuele scheppingstheologie. De derde bouwsteen is een eucharistische leefwijze, een leefwijze die zich meer door communie dan door consumptie laat leiden.

Bidden

bidden voor het etenDe maaltijd is één en al ritueel en bidden is daar een onderdeel van. Liturgiste Marian Geurtsen vertelde over het gemeenschappelijke in de gebeden rondom voedsel en de maaltijd binnen verschillende religies: de zegen en de dankzegging. Het gebed kan ons bewust maken van wat we eten en wanneer. Het laat ons zien dat voedsel een gave is van God en geen vanzelfsprekendheid. Even stilstaan bij wat je eet, waar het vandaan komt en wie en wat er allemaal nodig is geweest om het op je bord te krijgen helpt misschien wel bij het bewuster omgaan met voedsel. Je zou verwachten dat mensen dan toch minder snel voedsel weggooien. Marian Geurtsen vertelde verder dat uit onderzoek is gebleken dat bidden voor het voedsel steeds meer verschuift naar bidden (danken) voor het samen delen van de maaltijd. Ze verbond dit niet met dankbaarheid voor sociale duurzaamheid, maar dat zit er natuurlijk wel in.

Leven van genade

Erik Borgman, hoogleraar publieke theologie aan de Universiteit van Tilburg, liet me eerst even steigeren. Hij zei dat als we, uit oogpunt van duurzaamheid, onze ecologische voetprint zo klein mogelijk maken dit zoiets is als een poging is om er voor te zorgen dat het lijkt alsof wij er nooit geweest zijn. Duurzaamheid die gebaseerd is op reductie van de ecologische voetafdruk heeft volgens hem weinig met geloof en theologie te maken. Ik ben het hier niet mee eens. We leven nu met zoveel mensen op deze Aarde dat het Bijbelse delen neerkomt op het verkleinen van je ecologische voetafdruk. Dat is niet net doen of we er niet geweest zijn. Ik hoop toch dat we belangrijkere dingen op Aarde nalaten dan alleen CO2. Maar daarna begon ik te begrijpen wat hij bedoelde.

mosterdzaadje boomHet koninkrijk van God lijkt onkruid. Maar het is dankzij dit onkruid dat er te wonen valt. Zo legt Erik Borgman, hoogleraar publieke theologie aan de Universiteit van Tilburg de parabel van het mosterdzaadje uit. “Het wonder van Gods schepping is, dat wij er een thuis vinden, dat wij er deel van uitmaken en ons zo ingebed weten.” We moeten af van het idee dat de wereld maakbaar is en met die gedachte het klimaatprobleem zouden kunnen oplossen, stelt Borgman. Hij pleit er voor dat kerken God niet als instrument gebruiken om mensen tot duurzaam gedrag te bewegen, maar dat zij verlangen naar duurzaamheid beschouwen als uitdrukking van het verlangen naar God. Dan komt duurzaamheid niet meer voort uit zorgelijkheid om het voortbestaan van de wereld, maar uit de wonderbaarlijke verbondenheid voor alles met alles. Het betekent leven van genade en de herhaaldelijke vreugdevolle ontdekking dat dit mogelijk is. En als we zo leven gaat onze voetprint dus ‘vanzelf’ omlaag.

Een God van alles

permacultuurcubaHoe kun je theologie zo bedrijven dat je recht doet aan God, aan de gelijkheid van mensen en aan de hele Aarde? Dat is de vraag die theologe Trees van Montfoort zichzelf stelt. Ze komt uit op een ecologische theologie waarin God een God van alles is en niet alleen van mensen, allen, zoals zo vaak gezegd wordt. Om hier recht aan te doen is er een perspectiefverandering nodig, zegt ze. Van Monfoort vindt hiervoor aanzetten in de ecofeministische theologie zoals: naastenliefde voor de hele schepping, de schepping als de gave van Gods eigen leven aan ons en ascese, vrijwillige zelfbeperking, als oefening in liefhebben zonder bezitsdrang. Ik weet nu door studie dat dit in de hedendaagse theologie nog best nieuwe inzichten zijn. Ik verbaas me daar elke keer weer over. Ik weet niet beter dan dat God een God voor alles, voor/van de hele schepping is. Dat zal deels door mijn opvoeding door twee biologen komen of misschien door mijn naïviteit.

Nog meer vragen

De verhalen en ook de workshops van de middag brachten een levendige discussie op gang. Hierin klonken ideeën en opvattingen vanuit allerlei invalshoeken; van kosmisch evolutionair tot christelijk belijdend, van diep theologisch tot meer praktisch. Dit schetste ook de verschillende soorten betrokkenheid bij het thema van de deelnemers. Zoals het de bedoeling was van de dag gingen we met meer vragen naar huis dan we gekomen waren. Hoe ver reikt onze verantwoordelijkheid in de relatie tot God? Wat is de verhouding tussen Gods hand en onze handen, die ook de handen van God zijn. Welke hand doet wat en hoeveel? Genoeg om mee aan de slag te gaan zou ik zeggen.

Leven zonder afval

Toen ik alweer meer dan een half jaar geleden de workshop ‘bijenwasdoek maken’ bij Emily-Jane volgde vertelde ze al dat ze een boek aan het schrijven was. Een boek waarin ze vertelt hoe zij met haar gezin het aanpakt om zo weinig mogelijk afval te produceren. Ik moet zeggen, ik vind het knap zoals ze dat voor elkaar krijgt.

Nu ligt het boek in de winkel. Natuurlijk heb ik het direct gekocht. En geheel in stijl werd het ingepakt in een oude poster van een aankondiging van een concert. Het boek is erg mooi geworden. De teksten lezen vlot en prettig en de foto’s zijn prachtig. Alleen al daardoor krijg je echt zin om wat uit te gaan proberen.

boek leven zonder afval

Emily-Jane volgt eigenlijk twee lijnen. De ene is dat ze katoenen zakjes, bijenwasdoek en potjes meeneemt naar de winkel of markt en daar de los verkrijgbare producten in doet als brood, groente, fruit, noten rozijnen enzovoort. Of ze koopt de producten in bulk in. De andere lijn is dat ze veel dingen zelf maakt, zowel voedsel, als schoonmaak- en persoonlijke verzorgingsmiddelen. In het boek staan alle recepten hiervoor vermeld.

Zelf ben ik al helemaal op de katoenen zakjes en de bijenwasdoek overgeschakeld. Het was even wennen, maar nu is het een nieuwe routine geworden. Ik geef nu ook workshops bijenwasdoek maken en iedereen is razend enthousiast over wat je allemaal met bijenwasdoek kunt.

Sinds een paar maanden gebruik ik haar recept voor deodorant. Het is eigenlijk een soort crème op basis van kokosolie en natriumbicarbonaat (baking soda) met nog wat andere ingrediënten. Ik vind het ideaal spul, veel fijner dan ‘echte’ deo. Een aanrader wat mij betreft. (Pas op! Baking soda is niet hetzelfde als schoonmaak soda (natriumcarbonaat). Die kun je niet gebruiken om mee te bakken!!).

En nu op naar de verpakkingsvrije winkels. Binnenkort komt er eentje in Utrecht in de Twijnstraat. Daar kunnen we dan bulk inslaan in onze eigen katoenen zakken.