Dweilen met de kraan open

Vandaag (25-8-2016) stond in Trouw een groot artikel over een pilot project “Schoon belonen”. Het is een onderzoek om zwerfafval terug te dringen. 85 gemeenten doen mee. Op het eerste gezicht lijkt het plan heel aardig. Scholen en verenigingen die meedoen worden beloond voor het inzamelen van blikjes en flesjes en het schoonhouden van een gebied, een buurt of een wijk. Natuurlijk is het bewonderingwaardig dat scholen en verenigingen zich willen inzetten voor het opruimen van zwerfafval. En ik neem aan dat op deze scholen ook aandacht wordt geschonken dat het natuurlijk beter is om de blikjes en de flesjes direct in de vuilnisbak te gooien in plaats van op straat of in de berm. Dat scheelt toch een hoop werk en ergernis.

Rijsenburgselaan

Toch kreeg ik bij het lezen van het artikel het idee dat het niet klopt. Er wordt een beeld geschetst dat er altijd wel weer mensen zijn die jou troep opruimen. Het blijft dweilen met de kraan open. Er is nu eenmaal een grote groep mensen die er gewoon lak aan heeft om zich over zoiets als een blikje in de berm druk te maken. Waarom zou je de moeite nemen die in de prullenbak te gooien als anderen zijn die het voor je opruimen? Hoe lang gaan die scholen en verenigingen dat volhouden? Tot in de lengte van dagen? En gaan ze op den duur heel Nederland bestrijken? Ik zie de leerlingen nog niet in de berm van de snelweg lopen.

Kortom, dit plan is weer een typische ‘end of pipe’ oplossing. Volgens mij zitten we daar helemaal niet op te wachten. We hebben meer aan een ‘bron’oplossing. Voorkomen dat blikjes, flesjes, sigarettendoosjes, chipszakjes een zwervend bestaan op straat moeten leiden. En aangezien goed gedrag bij een grote groep Nederlanders alleen via de portemonnee is te bewerkstelligen, zou ik zeggen, wacht niet langer met dat statiegeld. Maar dat wil de industrie hoe dan ook voorkomen. De advocaat Rogier Hörchner heeft dan ook groot gelijk dat hij deze pilot een treuzel-tactiek van de verpakkingsindustrie noemt.

Heel eerlijk gezegd is statiegeld nog niet de echte ‘bron’oplossing. Zwerfafval is immers een symptoom van een onverschillige houding (van een grote groep mensen) ten opzichte van de natuur en de samenleving. Een gebrek aan met respect omgaan met de Aarde en de eigen leefomgeving. De paus schreef in Laudato Si: Er moet veel veranderen, maar wij mensen het meest (LS202). Wij moeten op een andere manier naar de werkelijkheid leren kijken; met een blik van verwondering, respect, liefde, eerbied, dankbaarheid en dienstbaarheid. Het klinkt mooi, en ik sta er zelf ook helemaal achter. Maar niks is zo moeilijk als dat. En hoe krijg je deze boodschap bij de onverschillige mens? Die leest dit niet.

De natuur erkennen als een boek

kardinaalsmuts

Kardinaalsmuts, het zaad is giftig, maar het oranje vruchtvlees niet. Vogels poepen het zaad onbeschadigd weer uit.

Ik blijf het een mooie uitnodiging van Franciscus van Assisi vinden om ons uit te nodigen de natuur te erkennen als een fantastisch boek, waarin God tot ons spreekt en iets van zijn schoonheid en goedheid laat zien. Voor Franciscus was elke ontmoeting met de dieren en de bloemen van het veld een gods-ontmoeting. Wat zou het mooi zijn als we zoals Franciscus konden kijken naar de natuur, al was het maar een klein beetje.

Het is daarom een grote verdienste van natuurgidsen dat zij mensen zo leren kijken dat de verwondering wordt wakker gemaakt. Verwondering gaat voor mij verder dan alleen maar genieten van de schoonheid van de bloemen en de vlinders. Verwondering heeft voor mij te maken met het samenspel dat tussen de planten en dieren bestaat, met het vormgeven en functioneren van de levensprocessen in een plant en de diversiteit die dat heeft opgeleverd.

Gisteravond was ik mee met een excursie in het van Gimborn Arboretum in Doorn. De wandeling had het aanlokkende thema bomen en alcohol. We leerden dat er voor het maken van alcohol vooral sap en suiker nodig is. Sappige vruchten met de juiste suikers lenen zich hier dus uitstekend voor. Peren zijn echter weer minder geschikt want die bevatten veel sorbitol, een moeilijk fermenteerbare suiker.

pawpaw

Vruchten van de pawpaw. Hier worden ze niet zo groot.

De vruchten zijn dus voor ons aantrekkelijk om eventueel alcoholhoudende dranken van te maken, maar voor de plant maken ze deel uit van de strategie om het zaad te verspreiden. Daar draait het voor de boom of plant immers om. Planten zijn enorm inventief als het om bestuiving en verspreiding gaat. Veel bloemen hebben heldere kleuren als geel en rood en zijn daardoor aantrekkelijk voor bijen, vlinders en hommels, die voor de bestuiving zorgen. Vaak ruiken ze ook nog lekker. De bloemen van de pawpaw echter, een struik die in de vruchtbare valleien van het zuidoosten van Noord Amerika voorkomt, zijn echter bruin en stinken, tenminste voor ons. Ze ruiken naar rottend vlees. Daarmee trekken ze aasvliegen aan die vervolgens de bloemen bestuiven. De aasvliegen moeten wel van de ene boom naar de andere vliegen, want het stuifmeel van bloemen uit een boom kan niet de andere bloemen van dezelfde boom bevruchten. Dat is ook weer zo’n trucje van de natuur om inteelt te voorkomen. De pawpaw is net als de papaya lid van de zuurzakfamilie en wordt ook wel de prairiebanaan genoemd. De vruchten smaken naar, u raadt het al, banaan. Hiermee is het vruchtvlees aantrekkelijk voor dieren die daar lekker van eten, maar de zaden ongemoeid laten en daardoor verspreiden.

Niet elk record is goud waard

Overshoot day

earth overshoot dayBij een Olympisch record gaan veel mensen uit hun dak en de sportvrouw of –man krijgt hoogst waarschijnlijk een gouden medaille. Maar er zijn ook records waar we minder blij mee zijn als ze gebroken worden, zoals bijvoorbeeld van overshoot day. Lees verder

Fietsen in Denemarken

Schrijf toch over jullie fietsvakanties, wordt er vaak tegen me gezegd. Dát vinden de mensen nou leuk om te lezen. Dus bij deze doe ik dat maar.

Denemarken klifDit jaar zijn we weer naar Denemarken geweest (vanuit Driebergen naar Leer gefietst en van daar met de trein naar Esbjerg). Denemarken is en blijft een heerlijk fietsland: licht glooiend, veel kleine landweggetjes en bewegwijzerde fietsroutes die ook op de kaart staan aangegeven. Karakteristiek voor het landschap zijn de witte kerkjes, al of niet met een rood dak, en de vele windturbines die over land lijken uitgestrooid. Heel eerlijk gezegd kunnen de glooiende, uitgestrekte tarwevelden soms wel wat eentonig worden. Maar langs de westkust van Jutland was er afwisseling genoeg; prachtige uitzichten over de fjorden, weer een stukje bos of een moerasgebied met veel bloeiende bloemen en vogels. Het ene moment fietsten we nog langs de duinen en het volgende moment boven over de kliffen. Dat was echt magnifiek.

Denemarken shelterJa, en dan natuurlijk onze kampeerplekjes. Daar doen we het misschien wel allemaal voor. We hebben een boekje ‘Overnatning i det fri’ (overnachten in het vrije). Plekjes in de natuur, vaak met water en wc en soms zelfs een douche, waar je je tent mag opzetten. Vaak staan er op deze plekjes ook shelters, waar we ook een paar keer in geslapen hebben, en is er een vuurplaats of een zwemplek (als alternatief voor een douche). Kamperen op dit soort plekjes geeft ons het ultieme gevoel van vrijheid. Soms waren ze moeilijk te vinden, maar met behulp van vriendelijke en behulpzame Denen is het toch elke keer weer gelukt.

Denemarken wit kerkjeBij één overnachtingplaats was de wasgelegenheid wel heel minimaal. Een buitenkraantje waarvan je de knop ingedrukt moest houden om het water te laten stromen. Knop los, water stopt. Probeer dan maar eens een kommetje van je handen te vullen met water. We hadden echter al lang ontdekt dat op het kerkhof bij de kerkjes een gebouwtje met meestal een keurige WC en wasbak stond, waarvan de deur altijd open is (helaas in tegenstelling tot de deur van de kerkjes zelf). En laat nu op twee minuten fietsen boven op de heuvel zo’n kerkje staan. Terwijl we daar onze tanden poetsten merkte mijn dochter laconiek op dat als je zwerver zou willen worden je dit in Denemarken zou moeten doen. Je hebt er shelters om te slapen en bij de kerk een WC en een wastafel om je te wassen.

Vliegengordijn

Een paar weken geleden heb ik weer een nieuwe voorraad bijenwasdoeken gemaakt. Het was mooi weer dus de keukendeur liet ik het liefst open staan. Maar ja, we hebben een tuin met veel planten die bijen aantrekkelijk vinden en die roken nu ook de bijenwas. Ze kwamen dus massaal naar binnen gevlogen. En honingbijen mogen dan, door te dansen, elkaar de weg naar goede voedselplanten weten te wijzen, de weg naar buiten vinden ze niet meer uit zichzelf. Ze proberen maar door het glas heen te vliegen. Ik heb ze allemaal stuk voor stuk gevangen met een glas en een stukje karton en buiten weer losgelaten. En de keukendeur dus toch maar dicht gedaan. Het werd dus duidelijk tijd voor een vliegengordijn. Maar dan wel een mooie. Lees verder