De engelen van het nieuwe begin

In de kerstviering voor kinderen speelden we een kerstspel. Drie engelen werden door Gabriël naar de Aarde gezonden om te vertellen over de geboorte van Jezus. Op Aarde aangekomen merkten de engelen dat het nog niet zo gemakkelijk was om de mensen hun verhaal te vertellen. De herbergier en Herodes herkenden de engelen niet en moesten niks van hun hebben. Ze luisterden niet eens en werden ruw weggestuurd. Maar de herders, die stil de wacht hielden in het veld, herkenden de engelen wel en ze durfden het verhaal te geloven. Ze accepteerden het onverwachte. Ze gingen direct op zoek om het kind, de nieuwe koning, te begroeten. Voor de herders kreeg hun leven, daar, op dat moment, een nieuwe richting. Hun verwachting, hoop en verlangen werden vervuld. En God stuurde een hele engelenschaar om de blijde boodschap te onderstrepen.

Seeing+Shepherds+(hr)+copy+3

Seeing Shepherds, www.bonnellart.com

De engelen van het nieuwe begin vertellen de herders over het nieuw geboren kind, dat vrede op Aarde zal brengen. Een klein, kwetsbaar, hulploos kind, gewikkeld in doeken en liggend in een kribbe is het teken dat de herders meekrijgen. Zo kwetsbaar en teer als het kind in de kribbe, zo kwetsbaar en teer is ook de Aarde. Moeder Aarde, zeggen we ook wel. Uiteindelijk zijn we allemaal, en ook alle andere schepselen, voortgekomen uit haar schoot. Daarom verdient de Aarde zowel het respect als voor een moeder als de zorg als voor een kind. God heeft zijn eigen zoon gestuurd om ons dat te leren. Jezus heeft ons voorgeleefd hoe we dat moeten doen. Als we Hem naleven zal het vrede op Aarde zijn; een duurzame vrede die verder gaat dan het verstommen van wapengekletter. Dat vieren we met kerst en daarvan zingen de engelen; een nieuw begin op weg naar die allesomvattende vrede.

De aankondig-engel

annuntiatie Jan van EyckTwee weken geleden schreef ik dat engelen de boodschappers zijn van God. De engel Gabriël is misschien wel de bekendste. Hij komt bij Maria binnen en vertelt haar dat ze zwanger zal worden en een zoon zal krijgen die ze Jezus moet noemen, Zoon van de Allerhoogste.

Gabriël is de bode van iets nieuws, iets dat van buitenaf komt. En hij valt zomaar binnen met deze onverwachte en ongelooflijke boodschap. Hoe zouden wij reageren op een dergelijk bericht? Op een bericht dat we in eerste instantie niet kunnen bevatten en niet kunnen geloven, omdat het ons denk- of voorstellingsvermogen te boven gaat. Toch zeker ietwat terughouden, denk ik.

Maria reageert dan ook met een vraag: “ Maar hoe moet dat dan? Ik heb geen omgang met een man.” Het antwoord van de engel dat heilige Geest over haar zal komen en kracht van de Allerhoogste haar zal overdekken stelt haar gerust. Ook het bericht dat Elisabeth, die onvruchtbaar werd genoemd, zwanger is van een zoon helpt daarbij. Daarop stelt Maria zich open voor de ongelooflijke boodschap. Haar vertrouwen in God is zo groot dat ze zegt: “Laat met mij gebeuren wat u gezegd hebt.”

Dit vind ik een prachtig moment. Het moment van aannemen wat jouw opdracht en bestemming is. Het “Ja” zeggen, zonder voorbehoud. Het is een antwoord op een dialoog tussen wat binnenin Maria, een mens, gebeurt en wat van buiten komt. Maria is niet alleen een gewone vrouw uit het volk, maar ze symboliseert de hele Aarde die zwanger is van de levenskracht van God. Hier wordt een appèl op ons gedaan. We worden gevraagd om deel te nemen aan de toekomst van de wereld. Daar kunnen wij, net als Maria, niet anders dan “Ja” op zeggen.

Ja, wij willen zorg dragen voor de toekomst van de nieuwe wereld.

annunciatie Michel AngeloJa, wij hebben hoop en vertrouwen dat er krachten in ons verborgen liggen die ons dit mogelijk maken. Ja, wij willen bijdragen aan liefde en vrede, voor ons, voor onze kinderen, voor alle mensen en andere schepselen op heel de Aarde. Ja, daarvoor willen wij onze oude en verstarde levenspatronen loslaten om nieuwe een kans te geven. Ja, wij geloven dat we daarin niet alleen staan, maar kunnen vertrouwen op God die ons en heel de wereld lief heeft en niet laat varen het werk van Zijn handen.

Deze tekst is gebaseerd op een artikel van pastor Mirjam Wolthuis van de Dominicusgemeente dat verscheen in het oecumenisch maandblad Open deur, dec 2014.

Is het rentmeesterschap nog toereikend? (5)

Participant

De participant voegt aan de erkenning van intrinsieke waarde, die we ook zagen bij de partner, nog de ervaring van verbondenheid en verwevenheid toe. Deze grondhouding sluit dus eigenlijk nog beter aan bij de gedachte dat de mens en zijn natuurlijke leefomgeving in een web van leven in kwetsbaarheid zijn verbonden en op elkaar aangewezen. De participant is zich ervan bewust deel uit te maken van een groter geheel. Dit, zowel op biologisch niveau als ook op wereldbeschouwelijke en spiritueel niveau. De participant staat niet meer naast de natuur, zoals de partner, maar maakt er deel van uit, staat er midden in. Hij vervult ten opzichte van de natuur een dienstbare rol. Het behoeden van de natuur is dan ook een belangrijke doelstelling, ook in de landbouw. De natuur vormt met al haar wijsheid dan ook het voorbeeld voor de landbouw van de participant. De biologisch dynamische landbouw en permacultuur zijn vormen van landbouw die bij de grondhouding van de participant passen. Het boerenbedrijf wordt dan als een organisme in zijn omgeving beschouwd en vanuit die blik gerund. Zo’n bedrijf kan uiteraard alleen een gemengd bedrijf zijn met een ruime vruchtwisseling, mengteelten, het bedekt houden van de bodem (groenbemesters), het gebruik van organische mest, gesloten kringlopen.

bd schoffelen

Met de hand schoffelen helpt om de verbinding met het gewas te versterken. In de landbouw van de participant draait alles om verbondenheid tussen bodem, plant, dier en mens.

In biologisch dynamische landbouw lopen de kippen lekker buiten en kunnen ze hun natuurlijk gedrag vertonen. De snavels worden niet gekapt.

In biologisch dynamische landbouw lopen de kippen lekker buiten en kunnen ze hun natuurlijk gedrag vertonen. De snavels worden niet gekapt.

 

 

 

De participant erkent de waarden en grenzen van de natuur en legt daarom zichzelf beperkingen op. Echter, in het moderne wetenschappelijke tijdperk waarin we nu leven is het besef van participeren, deelhebben aan de natuur, volledig vreemd is geworden. We nemen er aan deel, want ongeacht onze grondhouding, zijn we onderdeel van de natuur. Maar dat beseffen we vaak niet meer, waardoor we geen rekening houden met de natuur en deze ondermijnen. Onze verre voorouders hadden dit besef nog wel. Ook volkeren als de Indianen leven nog vanuit dit besef, maar kunnen wij het ook nog? Zouden we het weer kunnen leren?

De milieufilosoof Wim Zweers, die veel over grondhoudingen heeft geschreven (Zie zijn boek: Participeren aan de natuur; ontwerp voor een ecologisering van het wereldbeeld), stelt dat deelhebben aan de natuur – als essentieel aspect van menselijke zingeving – een bij uitstek hedendaags en westers perspectief kan zijn. De rol die de kerk speelt met betrekking tot zingeving wordt immers steeds kleiner. Maar veel mensen komen erachter dat ze toch niet zonder een vorm van zingeving kunnen. Daarom zou er hoop zijn voor participeren aan de natuur, en daarmee ook hoop om uit de natuur- en milieucrisis te geraken. Willen we deze crisis bij haar wortels aanpakken dan is een nieuw cultuurconcept nodig, schrijft Zweers. Eén waarin de houding van de mens boven of tegenover de natuur plaats maakt voor de verbondenheid van mens en natuur. Dan heeft Zweers het over spiritualiteit en zingeving, over het verbinden van reflectie en waarneming of ervaring. Ik weet niet of ik het hier helemaal verwoord zoals hij dat bedoeld heeft, maar ik zie het zo: Als je wandelt en je geniet van wat je ziet, voelt, ruikt, hoort en proeft (wie kan er nu een dikke rijpe braam laten hangen?), dan kun je je afvragen wat dat allemaal voor jou betekent. Word je er blij of gelukkig van? Voel je de verbondenheid van jou met je omgeving. Dat noem ik spiritualiteit. Een stukje reflectie zou dan zijn: “Wat is mijn rol in het geheel? Wat is hier goed voor de natuur? Wat is goed voor ons, voor mij? Is dit in balans?

DSCN0860

Voor mij een mooie plek om te genieten van de kleuren, de weerspiegeling in het water, de stilte. Voor de dieren een plek om te komen drinken. Voor de planten en bomen een plek om er naar hartelust te groeien in al hun schoonheid.

DSCN0857

En als je je dan omdraait zie je dit op een bordje. “Hier heeft iemand hetzelfde gevoeld als ik”, dacht ik toen ik dit las.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Het gaat erom dat het belang van de mens niet meer voorop staat. Daarom zouden we, naar mijn idee, ook in de kerk het beeld van de rentmeester los moeten laten en die van de partner of liever nog die van de participant moeten omarmen. Daarmee zouden we als kerk de Schepper en zijn schepping veel meer recht doen. Want die schepping, de heelheid van de schepping, die was toch bedoeld voor tot in eeuwigheid?

Deze week nieuw op de website: de overweging omzien naar en interviews met Niels de Zwarte, stadsecoloog in Rotterdam en Bisschop de Korte.

Eerder afleveringen in de serie:

1. Despoot/heerser

2. Verlicht heerser

3. Rentmeester

4. Partner

 

Is het rentmeesterschap nog toereikend? (3)

Is goed rentmeesterschap toereikend om te komen tot een herstel van de Aarde, tot het helen van de schepping? Ik zelf denk dat de Aarde en Gods schepping er baat bij hebben als we een stap verder zetten in de richting van partnerschap of participant of zelfs de mysticus. In een serie over grondhoudingen zal ik dat graag uitleggen. In elk deel beschrijf ik wat de grondhouding inhoudt en laat ik aan de hand van de landbouw zien hoe de grondhouding invloed heeft op het landbouwsysteem. Het derde deel in de serie betreft de rentmeester.

De rentmeester ziet God (christelijke variant) of de mensheid (wereldlijke variant) als ‘eigenaar’ van de natuur. Hij is dan ook verantwoording verschuldigd over het beheer dat hij voert over het aan hem toevertrouwde ‘goed’ aan God of de gehele mensheid (de mensheid als geheel, de vorige, huidige en toekomstige generaties). De rentmeester mag gebruik maken van de rente, maar niet van het kapitaal. De toekomstige generaties hebben immers ook recht op dezelfde rente. Het kapitaal is in dit geval de Aarde met al haar biodiversiteit en de rente wat ze jaarlijks genereert aan bijvoorbeeld plantaardige en dierlijke productie. De natuur vormt de randvoorwaarde voor de economische activiteiten van de mens. De natuur mag gebruikt worden maar niet zodanig geschaad dat toekomstige generaties er geen profijt meer van kunnen hebben. In die zin draagt de rentmeester zorg voor de natuur.

rondeel_bosrand

In een rondeel gaan efficiëntie voor de boer en het welzijn van de kippen samen.

De rentmeesterlandbouw is dan ook een bewarende en verzorgende landbouw, die het voorzorgprincipe hanteert. Er is sprake van een zekere volgorde van belangen. De menselijke belangen (denk aan gezondheid) gaan boven de vitale belangen van dieren en planten, maar deze gaan op hun beurt boven louter economische belangen. De geïntegreerde landbouw (een vorm van gangbare landbouw die veel aspecten van de biologische landbouw heeft overgenomen) is een vorm van rentmeesterlandbouw. Er is aandacht voor het behoud van bodemvruchtbaarheid en dierenwelzijn. Voor de rentmeester is de integriteit van de schepping of van de natuur zoals die is geworden door de evolutie, een groot goed.

Bij een rentmeester landbouw past mechanische onkruidbeheersing beter dan chemische bestrijdingsmiddelen.

Bij een rentmeester landbouw past mechanische onkruidbeheersing beter dan chemische bestrijdingsmiddelen.

Hij zal dan ook terughoudender zijn met het inzetten van bijvoorbeeld gentech-rassen dan de verlicht heerser. Met name als er een risico van zogenaamde uitkruising bestaat (dat via (ongewenst) stuifmeeloverdracht andere gewassen of onkruiden ook de gentech-eigenschap verkrijgen). Bij herbicide resistente gen-techgewassen is dit risico niet uit te sluiten. Er bestaat altijd een kans dat door stuifmeeloverdracht door wind of insecten wilde verwanten of onkruiden ook resistent worden tegen dit herbicide (gif om onkruiden te doden). Dat is niet alleen lastig voor de onkruidbestrijding. Het wordt door de rentmeester ook gezien als aantasting van de heelheid van de schepping met als gevaar dat de natuur uit balans raakt. Onkruiden, ziekten en plagen worden in zekere mate toegelaten in het systeem. Pas als ze boven een schadedrempel uitkomen (dat wil zeggen dat het cultuurgewas er daadwerkelijk schade van ondervindt) wordt er ingegrepen. Biologische of mechanische bestrijding genieten hierbij de voorkeur, maar het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen is niet uitgesloten.

Als we als mensheid als goede rentmeesters zouden leven dan gebruiken we dus niet meer dan de Aarde kan bieden. Onze ecologische voetafdruk laat echter zien dat we als mensheid leven alsof we 1,5 Aarde tot onze beschikking hebben (De gemiddelde voetafdruk van de wereldburger is 2,7 ha, terwijl er 1,8 ha per persoon beschikbaar is). Blijkbaar is de mensheid niet in staat om als een goed rentmeester te leven. Dit komt denk ik enerzijds doordat we in de praktijk niet als een goed rentmeester leven, en dus meer nemen dan waar we recht op hebben. Maar aan de andere kant komt het ook omdat, net als bij de despoot en de verlicht heerser, de mens nog steeds boven de natuur wordt gesteld.

aantasten aarde

zijn we als mensheid toch de Aarde aan het opeten.

aarde in handen 2

De rentmeester wil de Aarde op handen dragen dragen, maar ongemerkt

 

 

 

 

 

 

 

 

Het nut voor de mens is het uitgangspunt en de natuur vormt daarbij slechts een randvoorwaarde. Dit is in mijn ogen een valkuil. De rentmeester wil schade aan de natuur voorkomen, met het oog op de volgende generaties. Maar hij kijkt niet naar wat goed is voor de natuur zelf. Schade voorkomen en kijken wat goed is, zijn nog twee heel verschillende dingen. Het gevaar van de kaasschaafmethode ligt hier op de loer. Wanneer is er sprake van schade? Dat is vaak een glijdende schaal. Ik denk bijvoorbeeld aan het Groene Hart. De overheid heeft lang geleden al besloten dat dit groen moet blijven. Maar je ziet dat er toch steeds aan de randen aan wordt geknabbeld. ‘Ach een klein stukje eraf ten bate van een uitbreiding van dorp, stad of industrieterrein kan toch geen kwaad?’ Mijn conclusie is dan ook dat het rentmeesterschap te kort schiet als het gaat om het behouden, behoeden en helen van de hele schepping.

Ook de Raad van Kerken komt tot dit inzicht. In 2009 schreef de Raad van Kerken in een verklaring: ‘Wij hebben lang geleefd met een idee van de beheersbaarheid van het leven, waardoor de mens, ook in relatie tot de natuur, zich soms onkwetsbaar achtte, of dat door de vooruitgang van wetenschap en techniek dacht te kunnen worden. De actualiteit van de klimaatverandering heeft dat beeld wreed verstoord. De mens en zijn natuurlijke leefomgeving van dieren en planten zijn in een web van leven en kwetsbaarheid met elkaar verbonden en op elkaar aangewezen.”

Uitgaande van het beeld van in een web met elkaar verbonden zijn past in feite geen grondhouding waarin de mens boven de natuur staat. Een grondhouding waarbij de mens en natuur naast elkaar staan, op basis van gelijkwaardigheid, of samen één zijn, is hier meer op zijn plaats, zoals respectievelijk bij de partner of de participant.

Vorige afleveringen van de serie:

Deel 1, de despoot

Deel 2, de verlicht heerser

 

Is rentmeesterschap nog toereikend? (2)

Is goed rentmeesterschap toereikend om te komen tot een herstel van de Aarde, tot het helen van de schepping? Ik zelf denk dat de Aarde en Gods schepping er baat bij hebben als we een stap verder zetten in de richting van partnerschap of participant of zelfs de mysticus. In een serie over grondhoudingen zal ik dat graag uitleggen. In elk deel beschrijf ik wat de grondhouding inhoudt en laat ik aan de hand van de landbouw zien hoe de grondhouding invloed heeft op het landbouwsysteem. Het tweede deel in de serie betreft de verlicht heerser.

Verlicht heerser

De verlicht heerser denkt, in tegenstelling tot de despoot, na over de consequenties van zijn handelen. Dit is op zich al een verbetering. Maar de verlicht heerser doet dit wel uit welbegrepen eigen belang (kom ik zo op terug). Want ook hij beschouwt de natuur nog volledig instrumenteel. De natuur heeft geen eigen waarde en is er om in de behoeften van de mens te voorzien. De mens staat nog steeds boven de natuur en streeft naar maximaal nut en profijt. Dit doet hij door de natuur te verbeteren en om te zetten in cultuur. Hierbij kan hij wel, vanuit eigen morele keuze, grenzen stellen in de mate waarin hij ingrijpt. Dit doet hij met het oog op de volgende generatie binnen de eigen kring. Op het boerenbedrijf bijvoorbeeld als het gaat om de opvolging van vader op zoon. Door die binding met de toekomst is de verlicht heerser geneigd een zekere zorg te hanteren in zijn omgang met de natuur.

kip in scharrelstal 2

In de scharrelschuur zitten de kippen weliswaar niet meer in een kooi, maar ze hebben nog steeds weinig ruimte en krijgen het daglicht nooit te zien. Het systeem is volledig gericht op efficiëntie.

De ‘heerserlandbouw’ is de meest gangbare vorm van de huidige westerse, industriële landbouw. Ook deze vorm van landbouw, die erg gericht is op efficiëntie, kenmerkt zich door toepassing van grote percelen met één gewas (monoculturen), weinig gewassen per bedrijf, een hoge mate van specialisatie, hoogwaardige technologie, veel fysische, chemische en biotechnologische inputs, om zo hoog mogelijke opbrengsten te genereren. Net als bij de ‘despootlandbouw’ horen onkruiden, ziekten en plagen niet thuis in het systeem. Ze gaan ten koste van de opbrengst en kwaliteit van het cultuurgewas en moeten dus bestreden worden. Meestal gebeurt dit met chemische middelen om onkruid te verdelgen. Ook gentech-rassen die resistent zijn gemaakt tegen herbiciden, ziekten en plagen passen in dit systeem. Dat we in Nederland nog maar weinig gentech-rassen op de akkers hebben staan is volledig te danken aan de weerstand van de consument. De koeien krijgen echter wel krachtvoer waar gentech soja in verwerkt is.

schaalvergroting-150x150

Enorme akkers met maar één gewas (monocultuur) zijn de basis van de industriële landbouw.

Deze vorm van industriële landbouw leidt op lange duur tot uitputting van de bodem, vervuiling van het oppervlakte water. Bovendien verbruikt ze heel veel zoet water en is de uitstoot van broeikasgassen groot. Door het grote middelengebruik is deze vorm van landbouw ook een grote bedreiging voor de biodiversiteit. Vele, ook nuttige insecten, leggen het loodje.

Ten opzichte van de despoot, houdt de verlicht heerser al meer rekening met de gevolgen van het bedrijfsmanagement. Maar dit is wel vanuit eigen belang en gericht op de continuïteit van het eigen bedrijf. Er moet nog genoeg van een voldoende kwaliteit over zijn voor de eerst volgende generatie binnen de ‘eigen familiekring’. Voldoende kwaliteit voor de lange termijn en buiten de familiekring ligt bij de verlicht heerser nog buiten het handelingsperspectief. De natuur heeft geen eigen waarde en wordt beschouwd als persoonlijk bezit. Bij de rentmeester ligt dit anders.

De eerste aflevering ging over de despoot en is verschenen op 2 oktober.